Beide mini workstations gebruiken AMD’s Ryzen AI Max+ PRO 495 en gedeeld LPDDR5X geheugen, waardoor grotere lokale modellen mogelijk zijn zonder losse videokaart. De 131 TOPS is geen maat voor de snelheid van een LLM: of een model past hangt vooral af van geheugen, terwijl tokens per seconde ook worden bepaald door...
Gepubliceerd doorBewerkt met GPT-5.6 TerraAfbeeldingen gegenereerd met GPT Image 2
Research answer

Create a landscape editorial hero image for this Studio Global article: How do Lenovo’s ThinkCentre X Ultra and Acemagic’s F9A mini workstations, unveiled at IFA 2026, use AMD’s Ryzen AI Max+ Pro 495 “Gorgon Halo. Article summary: Both machines use AMD’s Ryzen AI Max+ PRO 495 “Gorgon Halo” APU to avoid the usual split between system RAM and GPU VRAM: CPU, Radeon 8065S iGPU, and AI resources share one fast LPDDR5X pool. That makes high-quantization. Topic tags: general, general web, news. Style: premium digital editorial illustration, source-backed research mood, clean composition, high detail, modern web publication hero. Use reference image context only for broad subject, composition, and topical grounding; do not copy the exact image. Avoid: logos, brand marks, copyrighted characters, real person likenesses, fake screenshots, UI text, readable text, watermarks, charts with fake numbers
Voor lokale AI is niet alleen rekenkracht van belang, maar vooral de vraag: past het model met zijn context nog in het beschikbare geheugen? Daarin onderscheiden Lenovo’s ThinkCentre X Ultra en Acemagic’ F9A zich van veel compacte pc’s.
Beide systemen gebruiken AMD’s Ryzen AI Max+ PRO 495. Daarbij delen de CPU, de geïntegreerde Radeon 8065S-gpu en AI-onderdelen één LPDDR5X-geheugenpool. Een lokaal taalmodel is dus niet beperkt tot de vaste hoeveelheid VRAM van een aparte videokaart. 4
42
De machines richten zich wel op verschillende kopers. De Acemagic F9A legt de nadruk op de grootste aangekondigde hoeveelheid geheugen in één kastje. De Lenovo ThinkCentre X Ultra is een zakelijke mini-workstation met beheermogelijkheden en een door Lenovo beschreven route naar een cluster van meerdere systemen.
| Lenovo ThinkCentre X Ultra | Acemagic F9A PRO 495 | |
|---|---|---|
| Processor | Tot Ryzen AI Max+ PRO 495 met Radeon 8065S-grafische chip |
Ryzen AI Max+ PRO 495 met Radeon 8065S-grafische chip |
| Maximaal gedeeld geheugen | 128 GB LPDDR5X |
192 GB LPDDR5X-8533 |
| Maximale toewijzing aan grafisch geheugen | Tot 96 GB uit het gedeelde geheugen |
Volgens gemelde specificaties tot 160 GB voor de gpu |
| Formaat | 1,6 liter |
Circa 2 liter; 158,5 × 158,5 × 81,5 mm |
| Opslag | Maximaal twee M.2 2280 PCIe Gen5-ssd’s van 4 TB, dus 8 TB totaal |
Er is één M.2 2280 PCIe 4.0 x4-slot voor maximaal 4 TB gemeld |
| Netwerk en uitbreiding | Zakelijke configuratie met AMD PRO en Lenovo-functies voor beveiliging en beheer; de precieze aansluitingen verschillen per uitvoering |
Twee 2,5GbE-poorten, Wi‑Fi 7, twee USB4-poorten, HDMI 2.1, DisplayPort 2.1 en OCuLink |
| Softwarepositie | Compatibel met Windows 11 en Linux, plus Lenovo AI Developer Center en zakelijke beheertools |
Hardwareaankondiging met focus op lokale AI; vergelijkbare toezeggingen voor enterprisebeheer zijn niet genoemd in het introductiemateriaal |
| Beschikbaarheid en prijs | Verwacht vanaf november 2026, vanaf € 3.100 |
Prijs, regio’s en winkelstart waren tijdens de IFA-presentatie nog niet bekend |
Bij een gewone desktop met losse videokaart zijn systeemgeheugen en videogeheugen van elkaar gescheiden. Voor lokale inferentie moeten modelgewichten en de steeds groter wordende KV-cache — het geheugen dat een model gebruikt om een lang gesprek te onthouden — passen in het geheugen dat toegankelijk is voor de versneller die het model uitvoert. Daardoor is VRAM vaak de beperkende factor.
De PRO 495 doorbreekt die harde grens met gedeeld geheugen. Acemagic stelt expliciet dat CPU, geïntegreerde Radeon-grafische chip en AI-resources dezelfde pool gebruiken, onder meer voor lokale AI-inferentie en andere geheugenintensieve taken. 4 Lenovo noemt eveneens maximaal 128 GB unified memory, waarvan tot 96 GB als grafisch geheugen kan worden toegewezen.
42
Dat maakt LPDDR5X-geheugen niet hetzelfde als het veel snellere geheugen van een zware, losse high-end-gpu. Het voordeel zit vooral in capaciteit en flexibiliteit: grotere gekwantiseerde modellen, langere contexten of meer ruimte voor de KV-cache worden haalbaar. De uiteindelijke gegenereersnelheid hangt nog steeds af van modelindeling, inference-engine, prompt- en contextlengte, geheugenbandbreedte en het langdurige energie- en koelgedrag van het systeem.
Beide pc’s combineren de PRO 495 met Radeon 8065S-grafische chip. Voor de F9A noemt Acemagic in de topconfiguratie 16 CPU-cores en 32 threads, boostkloksnelheden tot 5,2 GHz en een NPU van 55 TOPS; AMD’s opgegeven totaal voor het platform is maximaal 131 TOPS. 4
7 Lenovo’s aangekondigde systeem haalt eveneens 55 TOPS voor de NPU en gebruikt dezelfde Radeon 8065S.
33
42
De grote scheidslijn is dus niet de processor, maar de hoeveelheid geheugen die de fabrikant beschikbaar maakt.
De maximale configuratie met 192 GB LPDDR5X-8533 is het belangrijkste verkoopargument van de F9A. Volgens gemelde specificaties kan tot 160 GB aan de geïntegreerde gpu worden toegewezen. 2
3 Die extra 64 GB ten opzichte van Lenovo’s maximale systeemgeheugen kan zwaar wegen wanneer model, contextvenster en KV-cache uit dezelfde pool putten.
Acemagic promoot de pc voor modellen tot 120B in Q4-kwantisatie en mixture-of-experts-modellen van 300B. 2 Dat zijn claims van de fabrikant over wat in het geheugen zou passen, niet onafhankelijk bewijs van een vlotte interactieve ervaring. Dat een model laadt, betekent niet automatisch dat het snel genoeg antwoordt voor het beoogde gebruik — zeker niet met een lange context of een veeleisende runtime.
Voor experimenterende gebruikers is ook de uitbreiding interessant: twee USB4-poorten, twee 2,5GbE-netwerkpoorten, Wi‑Fi 7, beeldaansluitingen en OCuLink. 4 Via OCuLink is externe PCIe-uitbreiding mogelijk, waaronder eventueel een externe gpu. Hoe nuttig dat in de praktijk is, hangt af van de aangesloten hardware en softwareondersteuning.
De ThinkCentre X Ultra gaat tot 128 GB unified memory en maximaal 96 GB toegewezen grafisch geheugen. 42 Dat biedt minder ruimte dan de hoogste F9A-configuratie, maar is voor een desktop van 1,6 liter nog steeds een uitzonderlijk grote geheugenpool.
Lenovo onderscheidt zich met een expliciete clusteroptie: een X Ultra kan volgens het bedrijf worden verbonden met maximaal drie extra exemplaren voor grotere modellen en multi-agentworkloads. 44 Vier maximaal uitgeruste systemen komen daarmee uit op maximaal 512 GB gezamenlijk unified memory.
Die 512 GB vormen niet één enkel, samenhangend gpu-geheugen. Inference over meerdere systemen vereist software die werk of modellagen kan verdelen; netwerkcommunicatie voegt bovendien vertraging en overhead toe. Een cluster kan de lokale mogelijkheden vergroten, maar biedt niet automatisch dezelfde eenvoud of reactietijd als één versneller met evenveel direct aangesloten geheugen.
Rond de hardware biedt Lenovo ook een duidelijker zakelijke basis, met AMD PRO-ondersteuning, ThinkShield-beveiliging en DASH-beheer op afstand. 36 Het bedrijf noemt compatibiliteit met Windows 11 en Linux. Met een verwachte start in november 2026 en een vanafprijs van € 3.100 is de aanschafplanning bovendien concreter.
42
45
De NPU-score van 55 TOPS en de platformclaim van maximaal 131 TOPS geven een indicatie van theoretische AI-capaciteit, maar zijn geen benchmark voor de reactiesnelheid van een chatbot of de kwaliteit van een model. Geen van beide aankondigingen bevat onafhankelijke, goed vergelijkbare resultaten in tokens per seconde voor gangbare LLM’s.
Maak voor een aankoop daarom onderscheid tussen drie vragen:
Voor één groot gekwantiseerd model in een compact systeem is de F9A met maximaal 192 GB de ambitieuzere specificatie. Voor organisaties die waarde hechten aan een bekende introductiedatum, Linux- en Windows-opties, beheerfuncties en een door de leverancier beschreven clusteropzet, is de ThinkCentre X Ultra het gestructureerdere voorstel.
De twee AMD-systemen verschijnen terwijl Nvidia RTX Spark uitbreidt naar Windows-laptops en compacte desktops. Nvidia stelde dat RTX Spark-systemen van ASUS, Dell, HP, Lenovo, Microsoft Surface en MSI in het najaar van 2026 beschikbaar zouden komen; Acer en Gigabyte volgen later. 32 Reuters meldde eveneens dat het platform in laptops en compacte desktops van grote pc-fabrikanten, waaronder Dell, HP en Lenovo, verschijnt.
17
RTX Spark is daarmee een relevante nieuwe richting, vooral voor wie Nvidia’s gpu-software-ecosysteem prioriteit geeft. Het is echter nog geen directe, één-op-één vervanger voor deze twee machines: definitieve OEM-configuraties, prijzen en onafhankelijke prestatiegegevens verschillen per apparaat en moeten nog worden bevestigd. 23
De bredere ontwikkeling is duidelijk: compacte AI-workstations concurreren steeds meer op geheugencapaciteit, niet alleen op ruwe acceleratorkracht. In dit segment kan de mogelijkheid om een model lokaal te houden — met voldoende vrije ruimte voor een bruikbare context — belangrijker zijn dan een indrukwekkend rekengetal op de doos.
Studio Global AI
This page includes a source-backed answer you can continue inside Studio Global.
Beide mini workstations gebruiken AMD’s Ryzen AI Max+ PRO 495 en gedeeld LPDDR5X geheugen, waardoor grotere lokale modellen mogelijk zijn zonder losse videokaart.
Beide mini workstations gebruiken AMD’s Ryzen AI Max+ PRO 495 en gedeeld LPDDR5X geheugen, waardoor grotere lokale modellen mogelijk zijn zonder losse videokaart. De 131 TOPS is geen maat voor de snelheid van een LLM: of een model past hangt vooral af van geheugen, terwijl tokens per seconde ook worden bepaald door kwantisatie, contextlengte, runtime en koeling.
Lenovo is de duidelijker uitgewerkte zakelijke optie; Acemagic biedt de hoogste aangekondigde geheugencapaciteit, maar prijs, regio’s en leverdatum waren bij de aankondiging nog onbekend.