Tadej Pogačar won de Tour de France voor de vijfde keer. Daarmee evenaarde de Sloveen het record uit de moderne wielergeschiedenis, dat op naam staat van Jacques Anquetil, Eddy Merckx, Bernard Hinault en Miguel Indurain .
De basis voor zijn overwinning legde Pogačar al vroeg in de ronde. Na zijn machtsvertoon in de Pyreneeën, tijdens de zesde etappe, leek de eindzege grotendeels binnen handbereik. Ondanks de extreme omstandigheden hield hij de concurrentie op afstand . In Parijs bedroeg zijn voorsprong op de Belg Remco Evenepoel 6 minuten en 38 seconden .
De 21e etappe zou oorspronkelijk 133 kilometer lang zijn en in Thoiry, ten westen van Parijs, beginnen. Door de bosbranden werd het parcours aangepast naar 89 kilometer .
De Franse hulpdiensten en veiligheidstroepen waren hard nodig in de door branden getroffen gebieden, vooral in het departement Gironde. Een deel van de politiemacht die voor de beveiliging van de Tour was gepland, werd daarom naar de brandhaarden gestuurd .
De organisator, Amaury Sport Organisation (ASO), maakte op 25 juli bekend dat de renners niet langer vanuit Thoiry naar de hoofdstad zouden rijden. In plaats daarvan begon de wedstrijd rechtstreeks op de Champs-Élysées. Daar kwamen twee extra rondes over de beroemde avenue, voordat het peloton aan het aangepaste circuit rond Montmartre begon .
De ploegenpresentatie vond nog wel plaats in Thoiry. Daarna werden de renners per bus naar Parijs gebracht . ASO presenteerde de beslissing als een kwestie van nationale solidariteit met de getroffen regio’s en gemeenschappen .
De bosbranden in 2026 ontstonden tijdens een van de zwaarste brandseizoenen in Zuidwest-Europa in tientallen jaren. Frankrijk en Spanje kampten gelijktijdig met grote branden, die werden aangewakkerd door recordhitte, droogte en kurkdroge vegetatie .
De belangrijkste cijfers:
In totaal moesten in Frankrijk en Spanje eind juli meer dan 325.000 mensen worden geëvacueerd. Dat behoort tot de grootste evacuatieoperaties in Europa sinds de Tweede Wereldoorlog .
Wetenschappers waarschuwen voor een belangrijk onderscheid: klimaatverandering kan niet zonder meer als directe oorzaak van één specifieke brand worden aangewezen. Wel vergroot een warmer klimaat de kans op de omstandigheden waarin branden sneller ontstaan en zich agressiever verspreiden: extreme hitte, langdurige droogte en uitgedroogde begroeiing .
De Europese zomer van 2026 was uitzonderlijk heet. World Weather Attribution concludeerde dat de hittegolven in het onderzochte gebied de zwaarste waren die daar ooit zijn gemeten. Volgens de organisatie was het „bijna onmogelijk” om de intensiteit ervan te verklaren zonder klimaatverandering mee te wegen .
Ook de Wereldgezondheidsorganisatie van de Verenigde Naties stelt dat klimaatverandering bosbranden intenser en frequenter maakt. Hogere temperaturen en drogere omstandigheden verlengen bovendien het brandseizoen .
De branden waren dus niet het gevolg van één enkele factor. Maar de hitte en droogte die het landschap in een licht ontvlambare omgeving veranderden, passen wel in het patroon van een opwarmend klimaat .
Jonas Vingegaard, tweevoudig Tourwinnaar, moest de ronde verlaten na een val in de 15e etappe op 19 juli. Zijn voorwiel raakte op een rotonde een stoeprand, waarna hij met nog ongeveer 20 kilometer te gaan ten val kwam .
Bij het incident waren ook zijn ploeggenoot Sepp Kuss en de UAE-renners Isaac del Toro en Brandon McNulty betrokken . Vingegaard liep een gebroken sleutelbeen op en moest worden geopereerd. Daarmee kwam zijn Tour voortijdig ten einde .
Slechts enkele uren na de val van Vingegaard won Remco Evenepoel de 15e etappe. Op de top van het Plateau de Solaison versloeg hij Pogačar in de sprint .
Het was Evenepoels eerste etappezege in een wegkoers van de Tour; eerder had hij al een tijdrit gewonnen . Door de overwinning schoof hij op naar de tweede plaats in het algemeen klassement, op vijf minuten van Pogačar . Uiteindelijk finishte hij de Tour als tweede, met een achterstand van 6 minuten en 38 seconden .
De extreme hitte leidde ook tijdens de koers al tot aanpassingen. Etappe 9 werd na een rood hittealarm met 30 kilometer ingekort .
Op 13 juli riep Pogačar op tot een hervorming van de wielerkalender. „Als ik de macht had, zou ik de hele kalender veranderen en niet in juli en augustus op hete plaatsen koersen”, zei hij . Zijn opmerkingen kwamen op een moment dat het peloton in Zuid-Frankrijk te maken had met uitzonderlijk hoge temperaturen.
De combinatie van extreme hitte, historische bosbranden en een van de grootste sportevenementen van Europa maakt de traditionele planning van de Tour kwetsbaarder. Juli geldt al decennialang als de vaste maand voor de ronde, maar de omstandigheden van 2026 zetten vraagtekens bij die vanzelfsprekendheid.
Toekomstige organisatoren kunnen daardoor onder toenemende druk komen te staan om niet alleen de kalender, maar ook de route, starttijden, veiligheidsplannen en hitteprotocollen aan te passen. De ingekorte slotrit in Parijs liet zien dat klimaatrisico’s niet langer alleen een achtergrondverhaal bij de koers zijn: ze kunnen het wedstrijdschema daadwerkelijk bepalen.