De uitvoering moet volgens eerdere berichtgeving beginnen in zogenoemde ‘pilotzones’: gebieden waar het Libanese leger de verantwoordelijkheid voor de veiligheid overneemt. Israël zou zich daaruit vervolgens terugtrekken zodra de afgesproken veiligheidsvoorwaarden zijn gecontroleerd.
Juist die volgorde vormt de kern van het conflict. Hezbollah-leider Naim Qassem verwierp het door de VS bemiddelde akkoord en zei dat de gewapende strijd van de beweging zou doorgaan. Israël hield intussen troepen in een door het land aangewezen veiligheidszone en voltooide geen volledige terugtrekking.
Na zijn audiëntie met paus Leo XIV sprak Aoun met kardinaal Pietro Parolin, de staatssecretaris van de Heilige Stoel. Ook aartsbisschop Paul Richard Gallagher, verantwoordelijk voor de betrekkingen met staten en internationale organisaties, nam deel aan het overleg.
Volgens het Vaticaan gingen de gesprekken over het raamwerkakkoord, het stabiliseren van de zuidelijke grens van Libanon en het bereiken van een rechtvaardige en duurzame vrede.
De rol van het Vaticaan blijft diplomatiek. In de officiële verklaring werd geen nieuwe handhavingsorganisatie, militaire inzet of formele bemiddelingsconstructie aangekondigd. De boodschap combineerde steun voor uitvoering met een waarschuwing dat het akkoord met ernstige obstakels kampt.
In sommige berichten werd daarnaast gemeld dat Aoun relikwieën van de zalige patriarch Elias Hoayek aan paus Leo zou hebben aangeboden, als verwijzing naar het christelijke erfgoed van Libanon. Dat detail staat echter niet in de officiële verklaring van de Heilige Stoel en kan daarom niet onafhankelijk worden bevestigd op basis van de publiek beschikbare informatie.
De diplomatieke oproep kwam op een moment dat de militaire activiteit volgens VN-vredesmacht UNIFIL sterk was toegenomen. UNIFIL registreerde tussen 5 en 16 augustus gemiddeld 137 afgevuurde projectielen per dag. Op één zaterdag waren dat er 208 en op de daaropvolgende zondag 185.
Tussen 21 juni en 11 augustus stelde UNIFIL bovendien meer dan 1.700 schendingen van het Libanese luchtruim vast, voornamelijk door drones maar ook door helikopters en gevechtsvliegtuigen. In dezelfde periode meldde de vredesmacht meer dan honderd luchtaanvallen en meer dan 1.800 projectielen die door het Israëlische leger waren afgevuurd.
Libanese staatsmedia meldden afzonderlijk dat Israëlische aanvallen op Ansar en Deir al-Zahrani zeker elf mensen hadden gedood, onder wie drie kinderen en twee vrouwen. President Aoun zei dat de aanvallen duidelijk maakten hoe moeilijk het onderhandelingsproces en de uitvoering van het akkoord waren.
Deze cijfers beschrijven de omstandigheden waarin de diplomatie plaatsvindt. Ze bewijzen niet dat het Vaticaan Israël of Hezbollah rechtstreeks tot naleving kan dwingen. Ze verklaren wel waarom Beiroet extra internationale steun zoekt terwijl de afgesproken veiligheidsstappen stilliggen.
Aoun zou tijdens zijn bredere bezoek aan Rome ook spreken met de Italiaanse president Sergio Mattarella en premier Giorgia Meloni. Op de agenda stond onder meer de toekomst van de internationale troepen in Zuid-Libanon, waaronder een Frans-Italiaans voorstel voor een multinationale macht die UNIFIL mogelijk kan vervangen of opvolgen wanneer het mandaat daarvan afloopt.
Die gesprekken kunnen gevolgen hebben voor de manier waarop toekomstige controle- en verificatieregelingen worden ingericht. De directe uitdaging blijft echter dezelfde: het raamwerkakkoord is afhankelijk van opeenvolgende stappen waar Israël, Libanon en Libanese politieke actoren nog geen overeenstemming over hebben, terwijl het geweld in het zuiden voortduurt.