Voor Anthropic biedt Seoul een vaste uitvalsbasis in een van de belangrijkste AI-ecosystemen van Azië. Het bedrijf kondigde samenwerkingen aan met grote ondernemingen als Naver, Samsung SDS, LG CNS en Nexon . Daarnaast ging Anthropic relaties aan met academische instellingen via het National AI Research Lab, een onderzoeksconsortium waarin onder meer KAIST, Korea University, Yonsei University en POSTECH deelnemen .
De samenwerking draaide niet alleen om commerciële groei. Een belangrijk onderdeel was een memorandum van overeenstemming — een MOU — met het Zuid-Koreaanse Ministry of Science and ICT (MSIT). Daarin spreken beide partijen af samen te werken aan AI-veiligheid en cybersecurity .
Onder de overeenkomst zullen het Artificial Intelligence Safety Institute (AISI), dat onder het Electronics and Telecommunications Research Institute (ETRI) valt, en Anthropic onder meer de veiligheid van AI-modellen in de Koreaanse taal onderzoeken . Ook willen MSIT en Anthropic kwetsbaarheden in AI-systemen gezamenlijk identificeren en kennis over cyberdreigingen sneller delen .
De formele aankondiging in Seoul kwam bovendien nadat Zuid-Korea al toegang had gekregen tot Anthropic’s cybersecuritymodel Mythos. Op 3 juni meldde het ministerie dat de Korea Internet & Security Agency (KISA) aan Project Glasswing deelnam, samen met grote Zuid-Koreaanse bedrijven . Via dat programma kreeg Zuid-Korea toegang tot Mythos, een model dat bedoeld is voor toepassingen rond geavanceerde AI en cybersecurity .
Dat betekent dat de samenwerking rond veiligheidsmodellen al liep voordat Anthropic zijn Seoul-kantoor publiekelijk presenteerde. De MOU en de kantooropening bouwden voort op die eerdere contacten, maar kondigden niet specifiek toegang tot Fable 5 of Mythos 5 aan .
Op 12 juni — vijf dagen vóór de opening in Seoul — ontvouwde zich een heel ander scenario. Het Amerikaanse ministerie van Handel gaf Anthropic opdracht om de toegang tot Claude Fable 5 en Claude Mythos 5 onmiddellijk op te schorten voor iedere buitenlandse staatsburger, zowel binnen als buiten de Verenigde Staten . De opdracht, ondertekend door minister van Handel Howard Lutnick, gold ook voor buitenlandse medewerkers van Anthropic zelf .
De maatregel werd volgens het ministerie ingegeven door een vermeende jailbreak met gevolgen voor de nationale veiligheid . Fable 5 was pas op 9 juni voor het publiek beschikbaar gekomen .
Anthropic kon op systeemniveau niet betrouwbaar vaststellen welke gebruikers buitenlandse staatsburgers waren. Daardoor was een beperkte blokkade volgens het bedrijf praktisch niet uitvoerbaar. De enige manier om aan de opdracht te voldoen, was beide modellen voor alle klanten wereldwijd uit te schakelen .
Anthropic schreef dat het bedrijf de modellen “abrupt” voor alle klanten moest uitschakelen om aan de Amerikaanse regels te voldoen . De onderneming noemde de situatie een “misverstand” en zei te werken aan het herstel van de toegang . De overige Anthropic-modellen werden volgens het bedrijf niet getroffen .
De Cloud Security Alliance omschreef de zaak als de eerste keer dat de Amerikaanse overheid een AI-bedrijf rechtstreeks dwong om toegang tot specifieke, al ingezette modelversies in te trekken op basis van de nationaliteit van gebruikers .
Anthropic zou de reden voor de maatregel hebben betwist. Volgens de berichtgeving stelde het bedrijf dat de aangehaalde demonstratie een beperkte situatie betrof en niet aantoonde dat de modellen als geheel waren gecompromitteerd . Anthropic waarschuwde dat een dergelijke norm, als die breed wordt toegepast, de inzet van geavanceerde AI-modellen ernstig kan beperken .
De twee gebeurtenissen hadden dus een verschillende achtergrond:
Toch ontstond er een ongemakkelijke overlap. Anthropic presenteerde zich in Zuid-Korea als een partner voor bedrijven, onderzoekers en overheidsinstellingen, terwijl het bedrijf tegelijkertijd zijn meest geavanceerde modellen voor alle gebruikers wereldwijd uitschakelde vanwege regels rond buitenlandse staatsburgers .
De situatie onderstreept ook het verschil tussen samenwerking rond AI-veiligheid en toegang tot de krachtigste modellen. De Seoul-aankondiging en de MOU met MSIT gingen vooral over veiligheidsbeoordelingen, cybersecurity en Koreaanse taalmodellen — niet over een specifieke toezegging rond Fable 5 of Mythos 5 . Zuid-Korea had via Project Glasswing bovendien al toegang tot Mythos verkregen voordat de wereldwijde uitschakeling werd gemeld .
De timing maakt de onderliggende spanning zichtbaar. AI-bedrijven willen lokale kantoren openen, samenwerken met nationale onderzoeksinstellingen en hun modellen aan internationale ondernemingen leveren. Tegelijkertijd kunnen overheden met exportregels bepalen wie toegang krijgt tot bepaalde systemen — zelfs wanneer die gebruikers zich in hetzelfde land bevinden als het AI-bedrijf.
Zuid-Korea koos in deze periode voor een samenwerkingsmodel: het land zocht toegang tot geavanceerde veiligheidstools en formaliseerde samenwerking rond AI-veiligheid. Washington koos voor een eenzijdige exportcontrolemaatregel. De vraag is of andere landen vooral het Koreaanse voorbeeld zullen volgen, of dat nationale veiligheidsbeperkingen steeds meer gaan bepalen hoe frontier-AI — de meest geavanceerde AI-systemen — wereldwijd wordt ontwikkeld en gebruikt.
Voor Anthropic biedt Seoul een vaste uitvalsbasis in een van de belangrijkste AI-ecosystemen van Azië. Het bedrijf kondigde samenwerkingen aan met grote ondernemingen als Naver, Samsung SDS, LG CNS en Nexon . Daarnaast ging Anthropic relaties aan met academische instellingen via het National AI Research Lab, een onderzoeksconsortium waarin onder meer KAIST, Korea University, Yonsei University en POSTECH deelnemen .
De samenwerking draaide niet alleen om commerciële groei. Een belangrijk onderdeel was een memorandum van overeenstemming — een MOU — met het Zuid-Koreaanse Ministry of Science and ICT (MSIT). Daarin spreken beide partijen af samen te werken aan AI-veiligheid en cybersecurity .
Onder de overeenkomst zullen het Artificial Intelligence Safety Institute (AISI), dat onder het Electronics and Telecommunications Research Institute (ETRI) valt, en Anthropic onder meer de veiligheid van AI-modellen in de Koreaanse taal onderzoeken . Ook willen MSIT en Anthropic kwetsbaarheden in AI-systemen gezamenlijk identificeren en kennis over cyberdreigingen sneller delen .
De formele aankondiging in Seoul kwam bovendien nadat Zuid-Korea al toegang had gekregen tot Anthropic’s cybersecuritymodel Mythos. Op 3 juni meldde het ministerie dat de Korea Internet & Security Agency (KISA) aan Project Glasswing deelnam, samen met grote Zuid-Koreaanse bedrijven . Via dat programma kreeg Zuid-Korea toegang tot Mythos, een model dat bedoeld is voor toepassingen rond geavanceerde AI en cybersecurity .
Dat betekent dat de samenwerking rond veiligheidsmodellen al liep voordat Anthropic zijn Seoul-kantoor publiekelijk presenteerde. De MOU en de kantooropening bouwden voort op die eerdere contacten, maar kondigden niet specifiek toegang tot Fable 5 of Mythos 5 aan .
Op 12 juni — vijf dagen vóór de opening in Seoul — ontvouwde zich een heel ander scenario. Het Amerikaanse ministerie van Handel gaf Anthropic opdracht om de toegang tot Claude Fable 5 en Claude Mythos 5 onmiddellijk op te schorten voor iedere buitenlandse staatsburger, zowel binnen als buiten de Verenigde Staten . De opdracht, ondertekend door minister van Handel Howard Lutnick, gold ook voor buitenlandse medewerkers van Anthropic zelf .
De maatregel werd volgens het ministerie ingegeven door een vermeende jailbreak met gevolgen voor de nationale veiligheid . Fable 5 was pas op 9 juni voor het publiek beschikbaar gekomen .
Anthropic kon op systeemniveau niet betrouwbaar vaststellen welke gebruikers buitenlandse staatsburgers waren. Daardoor was een beperkte blokkade volgens het bedrijf praktisch niet uitvoerbaar. De enige manier om aan de opdracht te voldoen, was beide modellen voor alle klanten wereldwijd uit te schakelen .
Anthropic schreef dat het bedrijf de modellen “abrupt” voor alle klanten moest uitschakelen om aan de Amerikaanse regels te voldoen . De onderneming noemde de situatie een “misverstand” en zei te werken aan het herstel van de toegang . De overige Anthropic-modellen werden volgens het bedrijf niet getroffen .
De Cloud Security Alliance omschreef de zaak als de eerste keer dat de Amerikaanse overheid een AI-bedrijf rechtstreeks dwong om toegang tot specifieke, al ingezette modelversies in te trekken op basis van de nationaliteit van gebruikers .
Anthropic zou de reden voor de maatregel hebben betwist. Volgens de berichtgeving stelde het bedrijf dat de aangehaalde demonstratie een beperkte situatie betrof en niet aantoonde dat de modellen als geheel waren gecompromitteerd . Anthropic waarschuwde dat een dergelijke norm, als die breed wordt toegepast, de inzet van geavanceerde AI-modellen ernstig kan beperken .
De twee gebeurtenissen hadden dus een verschillende achtergrond:
Toch ontstond er een ongemakkelijke overlap. Anthropic presenteerde zich in Zuid-Korea als een partner voor bedrijven, onderzoekers en overheidsinstellingen, terwijl het bedrijf tegelijkertijd zijn meest geavanceerde modellen voor alle gebruikers wereldwijd uitschakelde vanwege regels rond buitenlandse staatsburgers .
De situatie onderstreept ook het verschil tussen samenwerking rond AI-veiligheid en toegang tot de krachtigste modellen. De Seoul-aankondiging en de MOU met MSIT gingen vooral over veiligheidsbeoordelingen, cybersecurity en Koreaanse taalmodellen — niet over een specifieke toezegging rond Fable 5 of Mythos 5 . Zuid-Korea had via Project Glasswing bovendien al toegang tot Mythos verkregen voordat de wereldwijde uitschakeling werd gemeld .
De timing maakt de onderliggende spanning zichtbaar. AI-bedrijven willen lokale kantoren openen, samenwerken met nationale onderzoeksinstellingen en hun modellen aan internationale ondernemingen leveren. Tegelijkertijd kunnen overheden met exportregels bepalen wie toegang krijgt tot bepaalde systemen — zelfs wanneer die gebruikers zich in hetzelfde land bevinden als het AI-bedrijf.
Zuid-Korea koos in deze periode voor een samenwerkingsmodel: het land zocht toegang tot geavanceerde veiligheidstools en formaliseerde samenwerking rond AI-veiligheid. Washington koos voor een eenzijdige exportcontrolemaatregel. De vraag is of andere landen vooral het Koreaanse voorbeeld zullen volgen, of dat nationale veiligheidsbeperkingen steeds meer gaan bepalen hoe frontier-AI — de meest geavanceerde AI-systemen — wereldwijd wordt ontwikkeld en gebruikt.