Wood Mackenzie verwacht dat de vraag naar geraffineerde producten stijgt van 105 miljoen vaten per dag in 2025 naar 108 miljoen in 2032, en daarna structureel daalt. Ongeveer 20% van de bestaande wereldwijde raffinagecapaciteit heeft te maken met dalende of negatieve operationele kasmarges; dat is een risico indicat...
Gepubliceerd doorBewerkt met GPT-6 LunaAfbeeldingen gegenereerd met GPT Image 2
Research answer

Create a landscape editorial hero image for this Studio Global article: What does Wood Mackenzie’s forecast that global refined-oil demand will rise from 105 million barrels a day in 2025 to a peak of 108 million. Article summary: Wood Mackenzie’s forecast signals a structural squeeze, not an immediate collapse: refined-product demand grows modestly to 2032, but subsequent decline puts less-competitive refineries on a path toward falling or negati. Topic tags: general, general web. Style: premium digital editorial illustration, source-backed research mood, clean composition, high detail, modern web publication hero. Use reference image context only for broad subject, composition, and topical grounding; do not copy the exact image. Avoid: logos, brand marks, copyrighted characters, real person likenesses, fake screenshots, UI text, readable text, watermarks, charts with fake numbers, clic
De wereldwijde raffinage staat voor een kantelpunt. Volgens Wood Mackenzie groeit de vraag naar geraffineerde producten van 105 miljoen vaten per dag in 2025 naar 108 miljoen in 2032. Daarna zet een structurele daling in. Ongeveer 20% van de bestaande raffinagecapaciteit krijgt te maken met dalende of negatieve operationele kasmarges, wat het risico op sluiting vergroot.3
4
Dat betekent niet dat één op de vijf raffinaderijen zeker dichtgaat. Het cijfer beschrijft capaciteit die financieel onder druk staat, niet een lijst met bedrijven of locaties die al tot sluiting hebben besloten.4
Een tijdelijke verstoring kan de beschikbare hoeveelheid brandstof tijdelijk beperken. Een structurele daling is iets anders: dan verwacht de markt op langere termijn minder geraffineerde producten nodig te hebben. Raffinaderijen moeten in dat geval concurreren om een krimpende afzetmarkt. Wood Mackenzie verwacht dat die omslag volgt op de vraagpiek van 2032.3
4
De gevolgen zullen niet overal gelijk zijn. De vooruitzichten hangen onder meer af van de producten die een raffinaderij maakt, hoe haar installaties zijn ingericht en of zij kan investeren om zich aan te passen.
Wood Mackenzie verwacht dat de vraag naar benzine afneemt, terwijl de behoefte aan grondstoffen voor de petrochemie toeneemt. Nafta en lpg kunnen profiteren van die petrochemische vraag.13
21 Daardoor kunnen raffinaderijen die verschillende producten kunnen maken er anders voor staan dan installaties die vooral op één type product zijn gericht.
Dit is geen volledige prognose per product. De beschikbare bronnen geven geen specifieke vraagpaden voor diesel of kerosine, en maken niet duidelijk hoe snel de vraag naar afzonderlijke producten verandert. Bovendien betekent groeiende vraag naar petrochemische grondstoffen niet automatisch dat raffinaderijen daar goed aan verdienen: Wood Mackenzie heeft ook gewaarschuwd voor structurele overcapaciteit in de petrochemische sector.19
Wood Mackenzie onderscheidt vijf brede typen raffinaderijen. In de beschikbare beschrijving worden grote, complexe installaties genoemd als een van de meest concurrerende typen. Ze profiteren van schaalvoordelen en kunnen uiteenlopende, ook minder hoogwaardige, ruwe olie verwerken tot producten met een hogere waarde.1
Ook complex geïntegreerde raffinaderijen met petrochemische productie komen in de indeling voor. De beschikbare informatie toont echter niet aan dat zo’n integratie een locatie op zichzelf beschermt tegen zwakke marktomstandigheden.1
19
De vraagpiek van 2032 is dus geen gelijkluidend oordeel over alle raffinaderijen. Hun concurrentiepositie en ruimte om zich aan te passen zijn mede bepalend voor de vooruitzichten. De schatting van 20% is een waarschuwing over kwetsbare capaciteit, geen uniform sluitingsvonnis.1
4
Volgens Wood Mackenzie zijn er tot 2040 nog maar drie à vier grote onderhoudscycli voor raffinaderijen. Tijdens zo’n geplande onderhoudsstop kunnen bedrijven ook omvangrijke aanpassingen uitvoeren. Het beperkte aantal resterende cycli verkleint volgens het adviesbureau de tijd om grote investeringsbeslissingen te nemen.4
Een mogelijke aanpassing is de raffinaderij zo uit te breiden of om te bouwen dat zij minder waardevolle ruwe olie kan verwerken tot producten met een hogere waarde, zoals transportbrandstoffen, petrochemische producten en speciale producten.14 De beschikbare bronnen geven geen vergelijkbare kosten- en rendementsramingen voor afzonderlijke projecten. Ze bieden daarom geen basis om te bepalen welke investering voor een specifieke raffinaderij de beste keuze is.
Een wereldwijde vraagdaling betekent niet dat elke regio nu al minder raffinagecapaciteit nodig heeft. Wood Mackenzie verwacht dat India tot 2030 goed is voor 40% van de wereldwijde toevoegingen aan raffinagecapaciteit, ondanks de latere voorspelde piek in de wereldwijde vraag naar geraffineerde producten.3 Dat percentage slaat op het aandeel in de nieuwe capaciteit, niet op India’s aandeel in de bestaande capaciteit wereldwijd.
De kern is dat het risico ongelijk verdeeld is. De prognose wijst op een structurele uitdaging voor de raffinagesector, maar voor een individuele installatie zijn ook haar concurrentiepositie en investeringskeuzes van belang. De verwachte vraagpiek van 2032 alleen bepaalt niet welke raffinaderijen zullen sluiten.3
4
Studio Global AI
This page includes a source-backed answer you can continue inside Studio Global.
Wood Mackenzie verwacht dat de vraag naar geraffineerde producten stijgt van 105 miljoen vaten per dag in 2025 naar 108 miljoen in 2032, en daarna structureel daalt.
Wood Mackenzie verwacht dat de vraag naar geraffineerde producten stijgt van 105 miljoen vaten per dag in 2025 naar 108 miljoen in 2032, en daarna structureel daalt. Ongeveer 20% van de bestaande wereldwijde raffinagecapaciteit heeft te maken met dalende of negatieve operationele kasmarges; dat is een risico indicator, geen lijst van zekere sluitingen.[3][4]
De vooruitzichten verschillen per product en per raffinaderij. India is een opvallend tegenbeeld en zou tot 2030 goed zijn voor 40% van de wereldwijde toevoegingen aan raffinagecapaciteit.[3]
Wood Mackenzie verwacht dat de vraag naar geraffineerde producten stijgt van 105 miljoen vaten per dag in 2025 naar 108 miljoen in 2032, en daarna structureel daalt. Ongeveer 20% van de bestaande wereldwijde raffinagecapaciteit heeft te maken met dalende of negatieve operationele kasmarges; dat is een risico indicat...
Gepubliceerd doorBewerkt met GPT-6 LunaAfbeeldingen gegenereerd met GPT Image 2
Research answer

Create a landscape editorial hero image for this Studio Global article: What does Wood Mackenzie’s forecast that global refined-oil demand will rise from 105 million barrels a day in 2025 to a peak of 108 million. Article summary: Wood Mackenzie’s forecast signals a structural squeeze, not an immediate collapse: refined-product demand grows modestly to 2032, but subsequent decline puts less-competitive refineries on a path toward falling or negati. Topic tags: general, general web. Style: premium digital editorial illustration, source-backed research mood, clean composition, high detail, modern web publication hero. Use reference image context only for broad subject, composition, and topical grounding; do not copy the exact image. Avoid: logos, brand marks, copyrighted characters, real person likenesses, fake screenshots, UI text, readable text, watermarks, charts with fake numbers, clic
De wereldwijde raffinage staat voor een kantelpunt. Volgens Wood Mackenzie groeit de vraag naar geraffineerde producten van 105 miljoen vaten per dag in 2025 naar 108 miljoen in 2032. Daarna zet een structurele daling in. Ongeveer 20% van de bestaande raffinagecapaciteit krijgt te maken met dalende of negatieve operationele kasmarges, wat het risico op sluiting vergroot.3
4
Dat betekent niet dat één op de vijf raffinaderijen zeker dichtgaat. Het cijfer beschrijft capaciteit die financieel onder druk staat, niet een lijst met bedrijven of locaties die al tot sluiting hebben besloten.4
Een tijdelijke verstoring kan de beschikbare hoeveelheid brandstof tijdelijk beperken. Een structurele daling is iets anders: dan verwacht de markt op langere termijn minder geraffineerde producten nodig te hebben. Raffinaderijen moeten in dat geval concurreren om een krimpende afzetmarkt. Wood Mackenzie verwacht dat die omslag volgt op de vraagpiek van 2032.3
4
De gevolgen zullen niet overal gelijk zijn. De vooruitzichten hangen onder meer af van de producten die een raffinaderij maakt, hoe haar installaties zijn ingericht en of zij kan investeren om zich aan te passen.
Wood Mackenzie verwacht dat de vraag naar benzine afneemt, terwijl de behoefte aan grondstoffen voor de petrochemie toeneemt. Nafta en lpg kunnen profiteren van die petrochemische vraag.13
21 Daardoor kunnen raffinaderijen die verschillende producten kunnen maken er anders voor staan dan installaties die vooral op één type product zijn gericht.
Dit is geen volledige prognose per product. De beschikbare bronnen geven geen specifieke vraagpaden voor diesel of kerosine, en maken niet duidelijk hoe snel de vraag naar afzonderlijke producten verandert. Bovendien betekent groeiende vraag naar petrochemische grondstoffen niet automatisch dat raffinaderijen daar goed aan verdienen: Wood Mackenzie heeft ook gewaarschuwd voor structurele overcapaciteit in de petrochemische sector.19
Wood Mackenzie onderscheidt vijf brede typen raffinaderijen. In de beschikbare beschrijving worden grote, complexe installaties genoemd als een van de meest concurrerende typen. Ze profiteren van schaalvoordelen en kunnen uiteenlopende, ook minder hoogwaardige, ruwe olie verwerken tot producten met een hogere waarde.1
Ook complex geïntegreerde raffinaderijen met petrochemische productie komen in de indeling voor. De beschikbare informatie toont echter niet aan dat zo’n integratie een locatie op zichzelf beschermt tegen zwakke marktomstandigheden.1
19
De vraagpiek van 2032 is dus geen gelijkluidend oordeel over alle raffinaderijen. Hun concurrentiepositie en ruimte om zich aan te passen zijn mede bepalend voor de vooruitzichten. De schatting van 20% is een waarschuwing over kwetsbare capaciteit, geen uniform sluitingsvonnis.1
4
Volgens Wood Mackenzie zijn er tot 2040 nog maar drie à vier grote onderhoudscycli voor raffinaderijen. Tijdens zo’n geplande onderhoudsstop kunnen bedrijven ook omvangrijke aanpassingen uitvoeren. Het beperkte aantal resterende cycli verkleint volgens het adviesbureau de tijd om grote investeringsbeslissingen te nemen.4
Een mogelijke aanpassing is de raffinaderij zo uit te breiden of om te bouwen dat zij minder waardevolle ruwe olie kan verwerken tot producten met een hogere waarde, zoals transportbrandstoffen, petrochemische producten en speciale producten.14 De beschikbare bronnen geven geen vergelijkbare kosten- en rendementsramingen voor afzonderlijke projecten. Ze bieden daarom geen basis om te bepalen welke investering voor een specifieke raffinaderij de beste keuze is.
Een wereldwijde vraagdaling betekent niet dat elke regio nu al minder raffinagecapaciteit nodig heeft. Wood Mackenzie verwacht dat India tot 2030 goed is voor 40% van de wereldwijde toevoegingen aan raffinagecapaciteit, ondanks de latere voorspelde piek in de wereldwijde vraag naar geraffineerde producten.3 Dat percentage slaat op het aandeel in de nieuwe capaciteit, niet op India’s aandeel in de bestaande capaciteit wereldwijd.
De kern is dat het risico ongelijk verdeeld is. De prognose wijst op een structurele uitdaging voor de raffinagesector, maar voor een individuele installatie zijn ook haar concurrentiepositie en investeringskeuzes van belang. De verwachte vraagpiek van 2032 alleen bepaalt niet welke raffinaderijen zullen sluiten.3
4
Studio Global AI
This page includes a source-backed answer you can continue inside Studio Global.
Wood Mackenzie verwacht dat de vraag naar geraffineerde producten stijgt van 105 miljoen vaten per dag in 2025 naar 108 miljoen in 2032, en daarna structureel daalt.
Wood Mackenzie verwacht dat de vraag naar geraffineerde producten stijgt van 105 miljoen vaten per dag in 2025 naar 108 miljoen in 2032, en daarna structureel daalt. Ongeveer 20% van de bestaande wereldwijde raffinagecapaciteit heeft te maken met dalende of negatieve operationele kasmarges; dat is een risico indicator, geen lijst van zekere sluitingen.[3][4]
De vooruitzichten verschillen per product en per raffinaderij. India is een opvallend tegenbeeld en zou tot 2030 goed zijn voor 40% van de wereldwijde toevoegingen aan raffinagecapaciteit.[3]