De problemen komen bovendien tegelijk. Bedrijven hebben te maken met hevige concurrentie, een zwakke binnenlandse vraag en vertraagde betalingen. Daardoor blijft omzet soms wel op papier bestaan, maar komt het geld niet op tijd binnen.
Bijna 60 procent van de ondervraagden zegt dat oplopende vorderingen de winst geleidelijk hebben uitgehold . In sommige gevallen liep de druk op de kasstroom uit op ernstige financiële problemen .
Het probleem staat niet op zichzelf. In een eerder rapport riepen ondernemers de Chinese overheid op om staatsobligaties en wettelijke betalingsverplichtingen van staatsbedrijven in te zetten om de onderlinge schuldenketens te doorbreken . Ook het EU SME Centre wees erop dat betalingsachterstanden een structurele zwakte in het ondernemingsklimaat blijven .
De consumptie in China blijft achter bij wat bedrijven nodig hebben. Dat raakt vooral ondernemingen die sterk afhankelijk zijn van de binnenlandse markt . De Wereldbank waarschuwde in haar China Economic Update van juni 2025 al dat een gematigde vraag een aanhoudend risico vormt . Ook de economische monitor van KPMG signaleerde in het eerste kwartaal van 2026 een ongelijkmatig herstel en aanhoudende zwakte aan de vraagzijde .
Voor bedrijven betekent dat minder ruimte om hogere kosten door te berekenen of nieuwe investeringen te doen. Tegelijkertijd neemt de concurrentie toe, waardoor prijzen en marges verder onder druk komen te staan.
Hevige concurrentie was een van de meest terugkerende klachten in de enquête . In sectoren met overcapaciteit proberen ondernemingen marktaandeel te behouden door prijzen laag te houden. Dat kan de omzet ondersteunen, maar maakt het moeilijker om winst te boeken.
De combinatie van lage marges, onzekere vooruitzichten en vertraagde betalingen tast het marktvertrouwen aan . Veel bedrijven lijken daardoor eerder gericht op overleven dan op uitbreiding.
Toch is er geen sprake van een gelijkmatige neergang. Ongeveer een vijfde van de ondervraagde bedrijven meldde zowel hogere omzet als hogere winst . Die verbeteringen waren vooral geconcentreerd in kunstmatige intelligentie, halfgeleiders en geavanceerde materialen .
Daarmee ontstaat een zogenoemd K-vormig herstel: de ene tak van de economie gaat omhoog, terwijl de andere omlaag beweegt. Technologie en geavanceerde productie profiteren van nieuwe investeringen en de AI-boom, terwijl traditionele sectoren met zwakke vraag en felle concurrentie blijven kampen .
Cijfers over bedrijfswinsten rond dezelfde periode illustreren die divergentie. De winsten in de elektronicasector stegen met 96,9 procent op jaarbasis, mede dankzij de vraag naar AI. In de automobielproductie en de ferrometaalverwerking daalden de winsten daarentegen met respectievelijk 19,5 en 25 procent .
Andere cijfers wijzen erop dat het private bedrijfsleven in bepaalde delen van de economie wel degelijk terrein terugwint. Het aandeel van private ondernemingen in de honderd Chinese beursbedrijven met de grootste marktwaarde steeg in de tweede helft van 2025 naar 40 procent, tegenover 37,6 procent zes maanden eerder en 33,5 procent op het dieptepunt halverwege 2024 .
Maar die opleving wordt vooral gedragen door zichtbare technologiebedrijven. Voor veel traditionele ondernemingen blijft de dagelijkse realiteit anders: klanten betalen laat, de binnenlandse vraag blijft beperkt en prijsconcurrentie knaagt aan de winst.
De enquête schetst daarom geen simpel verhaal van herstel of verval. China’s private sector groeit op sommige plekken snel, maar blijft op andere plekken onder zware druk staan. De vraag is niet alleen óf het herstel doorzet, maar ook welke bedrijven en sectoren daarvan daadwerkelijk profiteren.