De kern van het verhaal is dus niet alleen dat Xiaomi minder omzet boekte. De winst daalde veel sneller dan de omzet. Dat wijst erop dat kosteninflatie en de samenstelling van de verkopen zwaarder wogen dan de omzetkrimp op zichzelf.
De sterke prijsstijgingen voor DRAM- en NAND-geheugen vormden het belangrijkste probleem voor Xiaomi’s smartphoneactiviteiten. Het bedrijf verhoogde prijzen en schoof de productmix op richting duurdere toestellen. Daardoor bereikte de gemiddelde verkoopprijs van een smartphone een recordniveau. Die aanpak verhoogde de omzet per toestel, maar kon de fors hogere kosten voor geheugen en andere componenten niet volledig compenseren.
De brutomarge van smartphones kwam daardoor uit op 8,5%, tegenover 11,5% in dezelfde periode een jaar eerder. Ook de totale brutomarge daalde: van 22,5% naar 19,8%.
Dat is belangrijk omdat het de grenzen van een premiumstrategie in een zwakke vraagcyclus blootlegt. Hogere prijzen kunnen de gemiddelde omzet per toestel beschermen, maar kunnen ook de vraag naar aantallen afremmen. Tegelijk blijft de stuklijst duurder, terwijl er minder toestellen worden verkocht. Xiaomi’s smartphoneleveringen daalden op jaarbasis en de smartphoneomzet nam volgens berichtgeving op basis van Bloomberg-bronnen met 7,5% af.
De vergelijking met analistenramingen is minder eenduidig dan de hoofd cijfers suggereren, omdat de beschikbare bronnen verschillende prognosesets noemen.
Reuters meldde op basis van LSEG-gegevens dat analisten gemiddeld rekenden op een aangepaste nettowinst van ongeveer 6,6 miljard RMB. Met 6,2 miljard RMB bleef Xiaomi daar dus circa 0,4 miljard RMB onder. Volgens dezelfde bron lag de omzetconsensus op 112,2 miljard RMB, eveneens boven de gerapporteerde 108,9 miljard RMB.
Een afzonderlijke institutionele raming voorafgaand aan de cijfers ging uit van een omzet van 108,823 miljard RMB, oftewel een daling van ongeveer 6,15% op jaarbasis. Tegen die prognose viel de gerapporteerde omzet nagenoeg in lijn uit. Een andere vooruitblik voorspelde een aangepaste nettowinst van 6,16 miljard RMB, vrijwel gelijk aan het uiteindelijke cijfer. Dat was echter één afzonderlijke prognose en geen bevestiging van de volledige analistenconsensus.
De meest verdedigbare conclusie is daarom dat Xiaomi onder ten minste één breed aangehaalde consensus voor de aangepaste winst uitkwam. Voor de omzet lag het resultaat óf ongeveer in lijn met een eerdere institutionele raming óf onder de hogere Reuters/LSEG-raming. De beschikbare bronnen bieden geen betrouwbare consensus voor de GAAP-nettowinst. Een definitieve meevaller of tegenvaller op dat punt kan daarom niet worden vastgesteld.
De ramingen voor de marges verschilden per bron en definitie. Een vooruitblik rekende op een totale brutomarge van ongeveer 19,9% en stelde dat dit circa 1,1 procentpunt onder de Bloomberg-consensus lag. Dat zou wijzen op een aanzienlijk hogere consensusraming.
Voor smartphones verwachtte Goldman Sachs een brutomarge van 8,2%, tegenover de uiteindelijke 8,5% van Xiaomi. Dat suggereert dat de smartphoneprestatie iets beter was dan die specifieke prognose, ook al verslechterde de winstgevendheid van de groep als geheel.
Omdat de beschikbare ramingen niet volledig overeenkomen, is het verstandiger om 19,8% als de belangrijkste gerapporteerde marge-uitkomst te behandelen dan één definitieve consensusmarge te claimen. De hoofdzaak blijft dat de groepsmarge onder druk stond en duidelijk lager was dan de 22,5% van een jaar eerder.
Xiaomi rapporteerde een GAAP-nettowinst van 9,46 miljard RMB, ongeveer 20% lager op jaarbasis, tegenover een aangepaste nettowinst van circa 6,2 miljard RMB, een daling van 42,6%.
De sterkere daling van de aangepaste winst onderstreept de verslechtering van de onderliggende operationele winstgevendheid. Hogere geheugenkosten, felle concurrentie en een zwakkere consumentenvraag drukten op de activiteiten. Het GAAP-cijfer lag absoluut gezien hoger, maar de aangeleverde bronnen bevatten geen vergelijkbare analistenraming voor de GAAP-winst. Het zou daarom misleidend zijn om dit resultaat op basis van de beschikbare gegevens als een meevaller of tegenvaller te bestempelen.
De activiteiten rond elektrische auto’s vormden een belangrijke groeipijler. Xiaomi leverde in het tweede kwartaal 104.199 voertuigen af, 28,2% meer dan een jaar eerder, terwijl de Chinese markt voor personenauto’s in dezelfde periode een moeilijke fase doormaakte.
Toch bleef de divisie voor elektrische auto’s en andere innovatieve activiteiten verlieslatend. Daarmee blijft de vraag open wanneer de snelle volumegroei zal uitmonden in duurzame winstgevendheid.
Voor heel 2026 mikt Xiaomi op 550.000 geleverde voertuigen, 34% meer dan de basis van ongeveer 410.000 voertuigen uit het voorgaande jaar. Volgens een marktrapport had het bedrijf in de eerste helft 185.055 voertuigen afgeleverd. Om het jaardoel te halen, moet het tempo in de tweede helft dus aanzienlijk omhoog.
Analisten noemden de doelstelling steeds uitdagender. Zij wijzen op de noodzaak van een zeer sterke uitvoering en een snelle opschaling van het nieuwe SkyNomad-model. Het doel is daarmee niet per definitie onhaalbaar, maar de benodigde versnelling maakt zowel het leveringsvolume als de kosten om dat volume te bereiken tot een belangrijke test voor de komende kwartalen.
Xiaomi’s premiumstrategie beperkt zich niet tot smartphones. Beleggers vroegen zich ook af of de vernieuwde SU7 winstgevend kan blijven nadat het bedrijf slechts een bescheiden prijsverhoging doorvoerde in de uiterst concurrerende Chinese EV-markt.
Daar ontstaat een bekende afweging: concurrerende prijzen kunnen leveringen en marktaandeel ondersteunen, maar beperken mogelijk de marge per voertuig. De EV-kansen van Xiaomi zullen daarom niet alleen op basis van afleveringen worden beoordeeld. Beleggers letten ook op voertuigprijzen, de economie per verkochte auto en de vraag of schaalgrootte de divisie richting duurzame winstgevendheid kan bewegen.
De eerste reactie van de markt was optimistischer dan de resultatenrekening. Het in Hongkong genoteerde Xiaomi-aandeel steeg in de vroege handel met 6,8% naar 27,96 Hongkongdollar, nadat het bedrijf zei dat de zwaarste periode voor de smartphoneactiviteiten mogelijk voorbij was en dat de stijging van geheugenprijzen in de tweede helft kan afnemen.
Voorafgaand aan de cijfers was de markt volatiel. Opties impliceerden een mogelijke beweging van 3,6% in beide richtingen na de publicatie, meer dan de gemiddelde beweging van 2,8% na de vorige acht kwartaalrapportages. Ook de shortpositie was eerder opgelopen tot ongeveer 9% van de vrij verhandelbare aandelen in mei, tegenover minder dan 2% een jaar eerder. Dat weerspiegelde zorgen over geheugenkosten en de concurrentie op de EV-markt.
De positieve koersreactie lijkt daarom vooral te zijn ingegeven door de verwachting dat de druk van componentkosten afneemt en door het langetermijnpotentieel van elektrische auto’s — niet door de huidige winstgevendheid. Die interpretatie blijft voorwaardelijk. Xiaomi moet nog aantonen dat de geheugeninflatie daadwerkelijk afzwakt, dat de smartphonemarkt kan stabiliseren en dat EV-groei winstgevend kan worden zonder buitensporige prijsconcessies.
De resultaten over het tweede kwartaal laten zien dat Xiaomi midden in een overgangsfase zit. De smartphoneactiviteiten beschermden de gemiddelde verkoopprijs met een premiumere productmix, maar dat was niet genoeg om de hogere geheugenkosten en lagere leveringen op te vangen. De aangepaste winst daalde veel sterker dan de omzet en de totale brutomarge zakte naar 19,8%.
De EV-divisie groeit snel en kan een tweede motor voor Xiaomi worden, maar is nog niet winstgevend en staat voor een veeleisende doelstelling van 550.000 voertuigen in 2026. De koersstijging laat zien dat beleggers vooruitkijken naar lagere geheugenkosten en schaalvoordelen in EV’s. Het volgende bewijs moet echter uit de marges en de kasstroom komen — niet alleen uit hogere leveringscijfers.