Van de ondervraagde astrobiologen dacht slechts 6,6% dat op K2 18b waarschijnlijk buitenaards leven was gevonden; bij de Mars vondst was dat 15,1%. De scepsis gaat over deze specifieke, nog onvolledige aanwijzingen — niet over de bredere mogelijkheid dat er elders in het heelal leven bestaat.
Gepubliceerd doorBewerkt met GPT-5.6 TerraAfbeeldingen gegenereerd met GPT Image 2
Research answer

Create a landscape editorial hero image for this Studio Global article: What did the 2025 survey of hundreds of astrobiologists, conducted after reports of possible biological molecules in the atmosphere of exopl. Article summary: The surveys found clear expert caution: most astrobiologists did not think either announcement meant extraterrestrial life had probably been discovered, although the Mars evidence was viewed more favorably than the K2-18. Topic tags: general, education, academic, general web, news. Style: premium digital editorial illustration, source-backed research mood, clean composition, high detail, modern web publication hero. Use reference image context only for broad subject, composition, and topical grounding; do not copy the exact image. Avoid: logos, brand marks, copyrighted characters, real person likenesses, fake screenshots, UI text, readable text, watermarks, cha
De ophef was groot: mogelijke biologische moleculen in de atmosfeer van exoplaneet K2-18b en opvallende mineraalpatronen in een Marsgesteente. Maar astrobiologen — wetenschappers die de oorsprong en mogelijke verspreiding van leven in het heelal onderzoeken — bleven in 2025 opvallend terughoudend. Hun oordeel: dit zijn interessante sporen om verder te onderzoeken, geen bevestigde ontdekking van buitenaards leven. 1
2
Op de vraag of wetenschappers waarschijnlijk buitenaards leven hadden gevonden op K2-18b, antwoordde slechts 6,6% van 496 deelnemers bevestigend of sterk bevestigend. 65,3% was het daar niet mee eens of sterk niet mee eens; 28,0% bleef neutraal. 1
4
De Mars-vondst kreeg meer vertrouwen, maar ook daar was van een wetenschappelijke consensus geen sprake. In de zaak rond Cheyava Falls vond 15,1% dat buitenaards leven waarschijnlijk was aangetroffen. 44,6% was het daar niet mee eens of sterk niet mee eens en 40,3% koos een neutrale positie. 4
| Antwoord | K2-18b | Cheyava Falls, Mars |
|---|---|---|
| Sterk eens | 0,4% | 2,1% |
| Eens | 6,3% | 13,0% |
| Neutraal | 28,0% | 40,3% |
| Oneens | 30,2% | 33,5% |
| Sterk oneens | 35,1% | 11,1% |
Het verschil is wel degelijk betekenisvol. Bij Mars was het aandeel dat sterk oneens was veel kleiner: 11,1%, tegenover 35,1% bij K2-18b. Onderzoekers vonden het Martiaanse bewijs dus relatief overtuigender — maar nog altijd niet overtuigend genoeg om van een ontdekking te spreken. 4
De claim over K2-18b volgde op waarnemingen met de James Webb-ruimtetelescoop. Die werden geïnterpreteerd als mogelijke signalen van dimethylsulfide (DMS) en/of dimethyldisulfide (DMDS). Op aarde hangen deze gassen samen met biologische activiteit, onder meer van mariene micro-organismen. Daarmee zijn het mogelijke biosignaturen: aanwijzingen die bij leven kunnen passen, geen rechtstreeks bewijs van organismen. 22
Een spectrum van een verre planeetatmosfeer is bovendien geen monster dat in een laboratorium kan worden onderzocht. Wetenschappers moeten eerst vaststellen of een gemeten signaal werkelijk bij een bepaald molecuul hoort, of het signaal overeind blijft bij onafhankelijke analyses en of niet-biologische chemie dezelfde waarneming kan verklaren. Een latere gezamenlijke analyse van het brede transmissiespectrum van K2-18b vond onvoldoende statistisch significant bewijs voor DMS of DMDS. 22
34
De voorzichtige lezing is dus niet dat K2-18b oninteressant zou zijn. Wel dat zowel de aanwezigheid van deze moleculen als hun oorsprong nog niet betrouwbaar zijn vastgesteld.
De Mars-zaak draait om het monster Sapphire Canyon uit de Bright Angel-formatie in de Jezero-krater. Daarin zitten zogeheten ‘luipaardvlekken’: bijzondere mineraalpatronen met onder meer vivianiet en greigiet. De gemeten chemie kan passen bij microbiële processen. 23
Maar ‘verenigbaar met leven’ is iets anders dan ‘veroorzaakt door leven’. Voor de patronen bestaan ook mogelijke geologische en chemische verklaringen zonder biologische oorsprong. Om leven aannemelijk te maken, moeten zulke alternatieven niet alleen worden genoemd, maar overtuigend worden uitgesloten. 23
Daarom betekent de relatief positievere beoordeling van Mars vooral dat experts meer openstaan voor een nog onopgeloste mogelijkheid. Het betekent niet dat de wetenschappelijke gemeenschap oud leven op Mars als ontdekt beschouwt.
Een biosignatuur is een waarneming die door leven geproduceerd kán zijn en daarom nader onderzoek verdient. Pas wanneer die waarneming betrouwbaar is bevestigd én geloofwaardige niet-biologische verklaringen zijn getest en uitgesloten, wordt zij sterk bewijs voor leven.
Dat is precies wat de twee enquêtes laten zien. Astrobiologen beoordeelden geen abstracte vraag over aliens, maar twee concrete en nog onvolledige bewijsketens: een moeilijk te duiden atmosferisch signaal op een verre exoplaneet en uitzonderlijke mineralen in een Marsgesteente met mogelijk meerdere oorzaken.
Die terughoudendheid zegt dus weinig over de bredere vraag of leven buiten de aarde waarschijnlijk is. In een afzonderlijke peiling was 86,6% van 521 ondervraagde astrobiologen het er namelijk mee eens of sterk mee eens dat eenvoudig buitenaards leven waarschijnlijk ergens in het heelal bestaat. 2
De nuchtere én spannende conclusie: K2-18b en Cheyava Falls blijven belangrijke doelen voor vervolgonderzoek. Maar geen van beide aanwijzingen is vooralsnog over de grens gegaan van mogelijke biosignatuur naar bewijs voor buitenaards leven.
Studio Global AI
This page includes a source-backed answer you can continue inside Studio Global.
Van de ondervraagde astrobiologen dacht slechts 6,6% dat op K2 18b waarschijnlijk buitenaards leven was gevonden; bij de Mars vondst was dat 15,1%.
Van de ondervraagde astrobiologen dacht slechts 6,6% dat op K2 18b waarschijnlijk buitenaards leven was gevonden; bij de Mars vondst was dat 15,1%. De scepsis gaat over deze specifieke, nog onvolledige aanwijzingen — niet over de bredere mogelijkheid dat er elders in het heelal leven bestaat.