Opvallend: de brief roept niet op tot een pauze in AI-ontwikkeling, noch bevat het concrete beleidsvoorstellen zoals belastingen, omscholingsprogramma's of veiligheidswetten . Het is een consensusverklaring van het economische establishment, die waarschuwt zonder in paniek te raken.
1. De geografische eenzijdigheid van de ondertekenaars
Uit een analyse van de ondertekenaarslijst op wemustactnow.ai blijkt een opvallende concentratie. Ongeveer vier vijfde van de ondertekenaars komt uit de Verenigde Staten en Canada, de rest is vrijwel geheel afkomstig uit Europa . Geen enkele ondertekenaar is werkzaam in China — een land dat verantwoordelijk is voor ruwweg de helft van alle ontwikkeling van geavanceerde AI-modellen en wellicht de snelste AI-adoptie ter wereld kent
.
Deze afwezigheid leidt tot felle kritiek. In een opinieartikel in de South China Morning Post (26 juli 2026), getiteld 'The West is debating AI's future with half the world absent', stellen commentatoren dat elk serieus debat over de mondiale economische impact van AI China moet omvatten. Daar wordt het AI-experiment immers in een hoger tempo en op grotere schaal uitgevoerd, met andere resultaten . De krant concludeert dat de brief door China buiten te sluiten, feitelijk de helft van de AI-wereld negeert
.
2. Gebrek aan concrete beleidsvoorstellen
Waarnemers merken op dat de brief met zijn 88 woorden en vier zinnen bewust breed is gehouden om een brede coalitie aan te trekken, maar daardoor geen enkele concrete beleidsmaatregel noemt — zoals belastingen, omscholingsprogramma's, modelaudits of veiligheidswetgeving . De Cato Institute-podcast (30 juli 2026) vroeg zich hardop af of zo'n vage oproep tot actie wel echt beleid kan beïnvloeden
.
3. Eerdere waarschuwingen leidden tot niets
Critici wijzen erop dat sinds 2023 meerdere grote AI-waarschuwingsbrieven zijn gepubliceerd waarin regeringen worden opgeroepen AI te reguleren, maar dat geen enkele heeft geleid tot een bindende wet . De vraag is of 'We Must Act Now' hetzelfde lot beschoren is: groot nieuws, maar geen institutionele verandering
.
4. Ideologische breedte als zwakte
Hoewel de brief vooraanstaande economen uit het hele politieke spectrum verenigt — van linkse Nobelprijswinnaars als Paul Krugman en Joseph Stiglitz tot libertair gezinde figuren als Tyler Cowen — suggereren sommige waarnemers van het Cato Institute dat deze ideologische diversiteit vooral de vaagheid van de brief weerspiegelt, en niet een oprechte consensus over oplossingen .
De kern van de brief — dat AI-economische ontwrichting groter en sneller kan zijn dan elke eerdere technologische transformatie, en dat instituties niet klaar zijn — wordt breed gedragen als belangrijk en actueel. Maar de geografische uitsluiting van China is de meest in het oog springende kritiek, die de claim van de brief ondermijnt dat hij spreekt namens een werkelijk mondiale economische transformatie. Samen met het ontbreken van concrete voorstellen wordt de brief omschreven als een goedbedoelde maar onvolledige 'alle hens aan dek'-oproep, die de lastigste vragen onbeantwoord laat .