Het milieu-onderzoek vond niet plaats in een vacuüm. Het was de derde fase van een zorgvuldig opgebouwde escalatie door Peking, veroorzaakt door de aankondiging op 28 mei dat Japan en de Filipijnen formele gesprekken zouden beginnen over de afbakening van hun exclusieve economische zones (EEZ's) en continentaal plat in de wateren ten oosten van Taiwan.
China veroordeelde de gesprekken als 'illegaal en nietig', met het argument dat de wateren binnen de door China geclaimde maritieme rechten vallen en dat Japan en de Filipijnen 'China hebben omzeild' bij het starten ervan. De Chinese reactie ontvouwde zich in drie verschillende fasen:
Fase 1 — 1 juni: De Chinese kustwacht (CCG) voerde met het Daishan-schepenverband een handhavingspatrouille uit in dezelfde wateren, die werd omschreven als een 'noodzakelijke reactie' op de Japan-Filipijnen besprekingen.
Fase 2 — 6–10 juni: Het Ministerie van Transport leidde een 'speciale maritieme verkeershandhavings- en hydrografische onderzoeksoperatie'. Deze operatie, met meerdere diensten, inspecteerde 198 schepen en voerde zeebodemkartering uit. Opvallend was dat Chinese schepen drie passerende koopvaardijschepen (onder vlag van Singapore, Liberia en Benin) via de radio ondervroegen naar hun vertrekhaven, bestemming en bemanningsaantallen — een gemelde primeur.
De kustwacht van Taiwan zette schepen in als reactie en noemde de operatie een schending van het internationaal recht.
Fase 3 — 16–18 juni: Het Ministerie van Natuurlijke Hulpbronnen voerde met het schip Marine Geology No. 6 het milieu-onderzoek uit. De South China Morning Post merkte expliciet op dat dit onderzoek 'het nieuwste teken was van Peking's poging om zijn jurisdictieclaims in het gebied te versterken na de Japans-Filipijnse maritieme grensbesprekingen.'
De acties van Peking vertegenwoordigen een gecoördineerde campagne om fysieke aanwezigheid en administratieve controle te vestigen over de wateren ten oosten van Taiwan. Door het inzetten van kustwachtpatrouilles, handhavingsoperaties, hydrografische onderzoeken en onderzoeksschepen betwist China preventief elk grensakkoord tussen Japan en de Filipijnen dat zijn claims zou uitsluiten. Bloomberg meldde dat de algehele campagne bedoeld was om 'zijn claims kracht bij te zetten.'
De gesprekken tussen Japan en de Filipijnen zijn op zichzelf ongebruikelijk, omdat de twee landen geen aaneengesloten maritieme grens delen. Beide landen hebben echter zeebodemclaims die elkaar kunnen overlappen nu ze hun juridische continentaal plat willen uitbreiden tot voorbij de 200 zeemijl, waarbij Tokio zijn claim baseert op het eiland Okinotori. China heeft de gesprekken categorisch afgewezen. Buitenlandministerie-woordvoerder Lin Jian verklaarde op 9 juni dat Japan en de Filipijnen 'China hebben omzeild om zogenaamde maritieme afbakeningsgesprekken te starten, een stap die China's maritieme rechten en belangen ernstig schendt.'
Kortom, het milieu-onderzoek van 16–18 juni was niet louter een wetenschappelijke missie. Het was een integraal onderdeel van een weloverwogen strategie van Peking om jurisdictie uit te oefenen in een regio die een nieuw brandpunt is geworden in de westelijke Stille Oceaan.