De aangepaste kernwinst per aandeel kwam uit op $2,63. Daarmee lag AstraZeneca $0,15 boven de gemiddelde analistenverwachting van $2,48 . De gerapporteerde winst per aandeel bedroeg $1,61 en het nettoresultaat kwam uit op $2,51 miljard . De omzet bleef net onder de marktverwachting, maar de winstmeevaller was duidelijk .
Ook over de eerste helft van het jaar liet AstraZeneca groei zien:
De divisies Oncologie en Zeldzame ziekten trokken de groei, terwijl de tak Biofarmaceutica onder druk stond door generieke concurrentie rond Farxiga en Brilinta . De verkoop van Imfinzi en Enhertu vormde een belangrijk fundament onder de kwartaalcijfers .
AstraZeneca handhaafde bovendien zijn verwachting voor 2026: een groei van de aangepaste kernwinst per aandeel met een laag dubbelcijferig percentage en een omzetgroei van een midden- tot hoog enkelcijferig percentage, beide bij constante wisselkoersen .
De prestaties in de oncologie waren het opvallendste onderdeel van het kwartaal. De bestaande geneesmiddelen Imfinzi en Enhertu bleven voor een sterke vraag zorgen, terwijl de oncologie-omzet als geheel met ongeveer 15 tot 16% toenam bij constante wisselkoersen .
Daar kwam een belangrijke pijplijnmijlpaal bij. Sonesitatug vedotin, ook aangeduid als soniV, AstraZeneca's eerste volledig eigen ADC, behaalde een positief overlevingsresultaat in een studie naar maagkanker. Het management schat het potentiële piekomzetniveau van het middel op $3 tot $5 miljard .
Een ADC koppelt een antilichaam aan een kankerdodend middel, zodat de behandeling zich gerichter op tumorcellen kan richten. Voor AstraZeneca is het resultaat vooral van strategisch belang: het bevestigt de eigen technologische expertise op een terrein waarin het bedrijf de afgelopen jaren fors heeft geïnvesteerd.
Volgens het management biedt de brede oncologiepijplijn bovendien ruimte om tegenvallers in andere therapeutische gebieden op te vangen . Dat argument kreeg extra gewicht door de timing van de soniV-doorbraak, vlak na de mislukte Wainua-studie.
Op 9 juli maakten AstraZeneca en partner Ionis Pharmaceuticals bekend dat de fase III-studie CARDIO-TTRansform met Wainua (eplontersen) niet aan het primaire werkzaamheidseindpunt had voldaan .
De studie onderzocht patiënten met transthyretine-gemedieerde amyloïdcardiomyopathie, een zeldzame hartziekte die vaak wordt afgekort tot ATTR-CM. Het primaire eindpunt was een samengestelde maatstaf van cardiovasculaire sterfte en terugkerende cardiovasculaire gebeurtenissen gedurende maximaal 140 weken, vergeleken met placebo .
Wainua werd over het algemeen goed verdragen, maar de toevoeging van het middel aan de standaardbehandeling leverde geen statistisch significant voordeel op . De mislukte studie zette het aandeel onder druk en verlegde de aandacht van beleggers naar AstraZeneca's pijplijn buiten de oncologie .
De financiële gevolgen worden door analisten vooralsnog als beperkt gezien. De meeste schattingen wijzen op een vermindering van ongeveer 2 tot 4% in waarderingsmodellen. Wainua werd namelijk niet gezien als een van AstraZeneca's grootste toekomstige producten . De tegenvaller is wel reputatie- en strategisch relevant: beleggers zullen nieuwe klinische resultaten waarschijnlijk kritischer beoordelen.
AstraZeneca stelde zijn omzetambitie van $80 miljard in 2030 voor het eerst in 2024 vast . Financieel directeur Aradhana Sarin zei tegen Bloomberg dat het bedrijf "very much on track" ligt om dat doel te bereiken . Topman Pascal Soriot gebruikte de sterke kwartaalresultaten eveneens om het idee te weerspreken dat de Wainua-tegenvaller de langetermijnstrategie fundamenteel heeft veranderd .
De groeistrategie steunt op meerdere pijlers:
AstraZeneca erkent dat 2026 een overgangsjaar is. Het bedrijf krijgt te maken met het verlies van exclusiviteit voor oudere geneesmiddelen, waaronder Farxiga en Brilinta, en met mogelijke gevolgen van Amerikaanse regelgeving rond geneesmiddelenprijzen . Daar staan nieuwe productlanceringen, onderzoeksresultaten en een omvangrijke ontwikkelingspijplijn tegenover.
Analisten van JPMorgan concludeerden na de kwartaalupdate dat het omzetdoel van $80 miljard nog steeds haalbaar is . Dat is geen garantie voor succes: de ambitie vereist dat meerdere nieuwe geneesmiddelen tijdig worden goedgekeurd en commercieel aanslaan. De resultaten over het tweede kwartaal laten wel zien dat AstraZeneca voorlopig over voldoende bestaande omzetbronnen beschikt om een afzonderlijke klinische mislukking te absorberen.
AstraZeneca leverde in het tweede kwartaal een overtuigende winstprestatie, met name dankzij de vraag naar oncologische behandelingen en geneesmiddelen voor zeldzame ziekten. De mislukking van Wainua blijft een duidelijke pijplijntegenvaller, maar heeft volgens de aangehaalde analisten geen directe bedreiging gevormd voor de financiële basis van het bedrijf.
De belangrijkste test richting 2030 wordt daarom of AstraZeneca zijn sterke oncologiepositie kan vertalen naar een reeks nieuwe commerciële successen. De positieve ADC-resultaten bieden daarvoor een belangrijk signaal, terwijl het bedrijf zijn doel van $80 miljard omzet onverminderd handhaaft.