Samen domineren de twee bedrijven volgens SemiAnalysis zowel de meest geavanceerde AI-capaciteiten als de commerciële inkomsten aan de bovenkant van de markt . De concurrentie draait daarmee niet langer alleen om wie het beste model kan trainen, maar ook om wie AI het succesvolst in dagelijkse bedrijfsprocessen weet te verwerken.
Een van de meest opvallende conclusies is de vermeende terugval van Google. SemiAnalysis beoordeelt Google als de nummer vijf onder de AI-labs wereldwijd . Het bureau wijst daarbij op “compute binding and strategic errors”: strategische fouten waardoor Googles eigen toegang tot rekenkracht onder druk kwam te staan .
De kern van het probleem zou liggen bij langlopende overeenkomsten voor het verhuren van TPU’s, Googles eigen AI-chips. Volgens de analyse bevatten die contracten onvoldoende zogenoemde clawback-bepalingen: afspraken waarmee capaciteit kan worden teruggevorderd wanneer Google die zelf nodig heeft . Daardoor zou het bedrijf zich voor een deel hebben vastgezet in een situatie waarin het zijn eigen rekeninfrastructuur niet flexibel genoeg kon inzetten.
Die problemen vielen samen met een talentuittocht. Onder anderen Transformer-medeauteur Noam Shazeer, Nobelprijswinnaar John Jumper en Gemini-onderzoekers Jonas Adler en Alexander Pritzel zouden naar concurrenten zijn vertrokken . Volgens berichtgeving verloor moederbedrijf Alphabet na deze vertrekken op één dag tot 270 miljard dollar aan beurswaarde . Google viel in juli 2026 bovendien voor het eerst uit de top vijf van de Artificial Analysis Intelligence Index .
De duidelijkste commerciële toepassing van AI is volgens SemiAnalysis programmeren. Programmeeractiviteiten zouden inmiddels goed zijn voor 70% van alle tokens die op grote AI-platforms worden verwerkt . Dat omvat onder meer codegeneratie, debugging en het uitvoeren van meerstapsopdrachten door AI-agents.
Die ontwikkeling heeft directe gevolgen voor het verdienmodel. AI-bedrijven proberen het gebruik te verschuiven van gesubsidieerde abonnementen naar API’s: de koppelingen waarmee ondernemingen AI rechtstreeks in hun eigen software en werkprocessen integreren. SemiAnalysis noemt voor deze API-activiteiten brutomarges van meer dan 85% .
Claude Code illustreert hoe snel die markt kan groeien. De tool zou al negen maanden na de lancering een omzet op jaarbasis van 2,5 miljard dollar hebben bereikt . Voor AI-labs is programmeren daardoor niet alleen een populaire functie, maar ook een van de belangrijkste routes naar winstgevende zakelijke omzet.
De financiële cijfers van Anthropic en OpenAI laten volgens SemiAnalysis een opvallende omkering zien.
Voor Anthropic noemt het Tokenomics Model de volgende cijfers:
OpenAI houdt een groot commercieel volume, maar de financiële positie is volgens de analyse minder gunstig geworden:
SemiAnalysis spreekt daarom van een “grote omkering” in het tweede kwartaal van 2026: Anthropic zou OpenAI in omzet hebben ingehaald en voor het eerst winst hebben geboekt, terwijl OpenAI zwaar blijft investeren in AI-infrastructuur .
Greg Brockman, president en medeoprichter van OpenAI, benadrukt dat de machtsverhoudingen volgens hem nog lang niet vastliggen. In een Bloomberg-interview van 23 juli 2026 zei hij over de concurrentie met Anthropic dat de sector zich nog in de “early innings of where this industry goes” bevindt: de eerste fase van een veel langere ontwikkeling .
In juni zei Brockman bovendien dat “wat belangrijker is dan AGI, daadwerkelijke capaciteit is”. De grootste uitdaging is volgens hem om “AI-modellen met de wereld te verbinden” en ze daadwerkelijk nuttig te maken in echte werkzaamheden .
Tijdens Sequoia’s AI Ascent 2026 suggereerde Brockman dat OpenAI ongeveer 80% van de weg naar AGI — kunstmatige algemene intelligentie — zou hebben afgelegd . Ook zei hij dat AI inmiddels ongeveer 80% van de code van OpenAI schrijft, tegenover 20% slechts zes maanden eerder . Die laatste uitspraak is een claim van Brockman; de bredere productiviteitswinst van AI-programmeren blijft onderwerp van discussie.
De beschikbare SemiAnalysis-bronnen geven geen rechtstreeks antwoord op de vraag of Meta Google inmiddels voorbij is of dat binnenkort kan doen. Googles vermeende terugval naar de vijfde plaats laat wel ruimte voor andere kapitaalkrachtige concurrenten, maar er is onvoldoende bewijs om een specifieke inhaalrace van Meta te bevestigen of te ontkennen .
Daarvoor zou directe, actuele informatie nodig zijn over Metas positie op het gebied van modellen, rekenkracht, talent en commerciële AI-omzet. Op basis van de huidige SemiAnalysis-materialen is een stellige conclusie dus niet gerechtvaardigd.
De analyse van SemiAnalysis wijst op een bredere verschuiving: de sector verlaat de fase waarin vooral zoveel mogelijk trainingsrekenkracht werd opgestapeld en beweegt naar toepassingen met meetbare bedrijfswaarde. Programmeertools lopen daarbij voorop. De winnaar wordt niet noodzakelijk het bedrijf met de grootste chatbot, maar het bedrijf dat AI het efficiëntst omzet in dagelijks werk, API-inkomsten en winst.
Dit artikel is gebaseerd op rapporten en interviews van SemiAnalysis uit juli 2026, waaronder het interview van 23 juli en het Tokenomics Model van 8 juli. Financiële bedragen zijn afkomstig uit modellen van SemiAnalysis en openbare berichtgeving.