In een interview met PC Gamer, gepubliceerd op 24 juni 2026 en afgenomen op Unreal Fest Chicago, noemde Sweeney Valve's AI-disclosure-tags een 'schandvlek' — een verwijzing naar de roman van Nathaniel Hawthorne over openbare schaamte. Hij zei dat het label een 'hatersgemeenschap' aantrekt die de game probeert te kelderen en omschreef het hele beleid als 'onverantwoordelijk' .
Zijn belangrijkste bezwaar is structureel: ontwikkelaars die het grootste mogelijke publiek willen bereiken, hebben geen andere keuze dan hun game op Steam uit te brengen. Maar zodra ze dat doen, zorgt elk gebruik van AI voor een tag op de winkelpagina die een backlash veroorzaakt . Sweeney stelde dat ontwikkelaars hierdoor worden gedwongen te kiezen tussen efficiëntievoordelen van AI en het vermijden van woede bij spelers, waardoor commercieel succes 'veel kleiner en veel moeilijker' wordt
.
'Ik vind het vreselijk om te zien dat Valve steeds meer kansen van kleine ontwikkelaars afpakt', zei Sweeney in een later statement . Omdat grotere, gevestigde teams een omzetdaling kunnen opvangen, treft de AI-tag onevenredig hard de kleine ontwikkelaars die sterk afhankelijk zijn van AI-tools om te concurreren met grotere budgetten
.
Sweeney's opmerkingen kwamen direct nadat hij vroege plannen voor Unreal Engine 6 had gepresenteerd op hetzelfde Unreal Fest Chicago, waar hij ook duidelijk maakte dat Epic generative AI volledig omarmt in de eigen ontwikkelingspijplijn . Het contrast was expliciet: Epic bouwt AI dieper in zijn engine in, terwijl het tegelijkertijd betoogt dat Valve's disclosure-tags de technologie stigmatiseren die Epic essentieel acht
.
In januari 2026 voerde Valve een stille, maar belangrijke verfijning door in het AI-disclosure-formulier van Steam:
De update werd breed gezien als een manier van Valve om de reikwijdte van het beleid te beperken tot inhoud die de consument ziet, terwijl interne ontwikkeltools buiten schot bleven . De wijziging pakte een van de grootste klachten van ontwikkelaars aan — dat interne productiviteitstools werden meegesleept in openbare labels — maar schafte de meldingsplicht niet af voor AI-gegenereerde kunst, geluid of tekst die spelers daadwerkelijk zien of horen.
De standpunten van de twee bedrijven weerspiegelen een fundamenteel filosofisch verschil over wat een gamewinkel zijn gebruikers verschuldigd is.
Een grote studie van Game Oracle (Ross Burton, PhD) biedt de meest uitgebreide blik op de echte impact van AI-disclosures. Het onderzoek analyseerde 9.879 Steam-games die tussen januari en oktober 2025 zijn uitgebracht en vond:
Eén bron meldt dat meer dan één op de drie nieuwe titels op Steam nu toegeeft AI te gebruiken in een bepaalde fase van de ontwikkeling . BCG analyseerde onafhankelijk Steam-metadata en ontdekte dat rond 20% van de nieuwe games AI-gebruik meldde medio 2025, het dubbele van een jaar eerder, en schatte dat ongeveer 50% van de studio's nu AI gebruikt
.
Valve publiceert geen verkoopcijfers, dus onderzoekers gebruikten het aantal recensies als proxy. De 40-60% is een schatting voor gevestigde studio's; de exacte impact op de omzet varieert per game. De correlatie tussen AI-tags en lagere betrokkenheid is sterk, maar causaliteit wordt in de industrie nog steeds bediscussieerd. Het is mogelijk dat games die AI gebruiken gemiddeld van lagere kwaliteit zijn, of dat ontwikkelaars die sterk leunen op AI-tools over het algemeen minder ervaren zijn — factoren die onafhankelijk van elkaar tot lagere verkopen kunnen leiden. De Game Oracle-studie controleerde voor ontwikkelaarservaring, uitgeversondersteuning, genre en releasedatum, maar geen enkele observationele studie kan verstorende variabelen volledig uitsluiten.
Sweeney's kritiek op de 'schandvlek', Valve's beleidsverfijning van januari 2026 en de data van Game Oracle vertellen samen het verhaal van een industrie die worstelt met een transparantiedilemma: spelers willen weten wat ze kopen, maar het labelen van AI-gebruik lijkt een commerciële straf te veroorzaken die al dan niet eerlijk is. Valve heeft al een stap gezet door tools voor ontwikkelingsefficiëntie vrij te stellen van de meldingsplicht, waardoor de reikwijdte van het beleid wordt beperkt tot inhoud die de speler ziet. Of dat genoeg is om Sweeney — of de ontwikkelaars die hij zegt te vertegenwoordigen — tevreden te stellen, blijft een open vraag.