De oliemarkt hoopte eerder in de week nog op diplomatieke vooruitgang tussen de Verenigde Staten en Iran. De toespraak van de Iraanse president Masoud Pezeshkian bij de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties op 23 september 2026 temperde die verwachting. Iran zou niet zwichten voor Amerikaanse druk, zei hij, al bleef het land bereid tot diplomatie. De olieprijzen, die eerder waren gedaald, stegen die dag. Dat betekent niet dat onderhandelingen zijn mislukt.
1
2
3
Brent steeg sterker dan WTI
Brent-oliefutures sloten op 23 september op $103,08 per vat: een stijging van $3,83, of 3,86%. Amerikaanse West Texas Intermediate (WTI)-futures eindigden op $92,16 per vat, $1,64 of 1,81% hoger. Wie spreekt van een stijging van bijna 4%, doelt dus op Brent, niet op WTI.
3
Eerder waren de prijzen juist gedaald door hoop op gesprekken tussen Washington en Teheran en door een gedeeltelijk herstel van Saudische olieleveringen. Pezeshkians afwijzing van Amerikaanse druk maakte een snelle doorbraak voor handelaren minder aannemelijk, terwijl zijn bereidheid tot overleg een akkoord niet uitsloot.
1
2
3
Wat willen Washington en Teheran?
De Amerikaanse president Donald Trump waarschuwde op 22 september bij de VN dat de VS Iran zouden kunnen ‘vernietigen’ als er geen akkoord komt om de oorlog te beëindigen. Tegelijk suggereerde hij dat een overeenkomst snel mogelijk was. Een dag later wees Pezeshkian overgave en druk af, maar sprak hij zich uit voor een diplomatieke oplossing. Beide leiders lieten daarmee ruimte voor gesprekken; uit hun uitspraken blijkt niet dat zij het al eens zijn over de voorwaarden.
1
17
Een belangrijk knelpunt is de Straat van Hormuz, een cruciale vaarroute voor olie. Pezeshkian sprak over de Amerikaanse marineblokkade van Iran en de Iraanse pogingen om de handel via de zeestraat te beperken. Of onderhandelingen die spanningen verminderen, is van belang voor zowel de scheepvaart als een bredere overeenkomst.
12
Wat kan er nu gebeuren?
De Amerikaanse Energy Information Administration (EIA), het overheidsagentschap voor energiegegevens, had haar olieprijsramingen voor 2026 al vóór de VN-toespraken verhoogd. Aanleiding was het verlies aan aanbod uit het Midden-Oosten, waardoor wereldwijde voorraden slonken. De raming van september ging uit van een jaargemiddelde van ongeveer $91 per vat voor Brent en $84,65 voor WTI. Dat zijn gemiddelden voor heel 2026, geen voorspellingen voor de eerstvolgende handelsdag.
4
Nieuwe verstoringen van transport door Hormuz kunnen de olieprijs verder onder opwaartse druk zetten. Als een akkoord de oliestromen helpt herstellen, kan die druk juist afnemen. Een langdurige stijging van energieprijzen zou ook de inflatie kunnen aanjagen. De beschikbare bronnen onderbouwen echter geen specifiek inflatiecijfer of waarschuwing van de OESO die hier betrouwbaar kan worden overgenomen.
4
12