Dat bedrag is nog niet noodzakelijk de eindafrekening. ANL stelt dat zijn totale juridische kosten ongeveer £34,5 miljoen bedragen. De eisers zouden samen voor circa £16,2 miljoen verzekerd zijn via een zogenoemde after-the-event-verzekering: een polis die na het ontstaan van een juridisch geschil wordt afgesloten. Als ANL’s kosten grotendeels worden goedgekeurd, kan een tekort van ongeveer £18,3 miljoen ontstaan. De uiteindelijke aansprakelijkheid wordt echter pas vastgesteld na een gedetailleerde beoordeling van de rekening.
De zeven eisers beschuldigden ANL ervan dat de kranten tussen 1997 en 2015 onrechtmatige methoden hadden gebruikt om informatie voor artikelen te verzamelen. Het ging onder meer om het hacken van telefoons, het misleiden van mensen om vertrouwelijke informatie los te krijgen — in het Engels ‘blagging’ — surveillance en het inschakelen van privédetectives. ANL ontkende de beschuldigingen.
Op 7 juli 2026 wees Nicklin alle claims af. De uitspraak betekent niet dat privacyschendingen juridisch onbelangrijk zijn of dat dergelijk wangedrag in de media nooit heeft plaatsgevonden. De rechter oordeelde dat juist deze eisers hun specifieke beschuldigingen tegen ANL niet met voldoende betrouwbaar bewijs hadden onderbouwd.
Nicklin omschreef de zaak als ‘speculatief en grotendeels gebaseerd op gevolgtrekkingen’. Volgens de rechtbank was er geen voldoende betrouwbare bewijsbasis die de vermeende praktijken rechtstreeks aan de individuele claims van de zeven eisers koppelde.
Dat onderscheid is belangrijk. Een rechter kan erkennen dat er in een bredere mediahistorische context onrechtmatige praktijken kunnen zijn geweest, zonder vast te stellen dat de concrete beschuldigingen van deze eisers bewezen zijn. De uitspraak verwerpt daarom de claims zoals die tijdens het proces zijn aangevoerd; ze vormt geen algemene rechterlijke vaststelling dat iedere historische beschuldiging over tabloidkranten onwaar is.
In Engeland en Wales worden proceskosten doorgaans op de ‘standard basis’ beoordeeld. Een kostenveroordeling op de ‘indemnity basis’ is uitzonderlijk en gunstiger voor de winnende partij. Zo’n bevel wordt meestal gebruikt wanneer het gedrag tijdens een rechtszaak duidelijk buiten de normale grenzen van redelijk procederen valt.
Nicklin concludeerde dat het gedrag van de eisers, in samenhang bezien, zo’n uitzonderlijke maatregel rechtvaardigde. Zijn oordeel had betrekking op de omvang en ernst van de beschuldigingen, de manier waarop de zaak was gevoerd en zijn conclusie dat het procederen onredelijk was.
Een indemnity-veroordeling is echter geen blanco cheque. ANL krijgt niet automatisch elk bedrag dat het op zijn kostenrekening zet. Tijdens de latere, gedetailleerde kostenbeoordeling moet de uitgever nog steeds aantonen dat de kosten redelijkerwijs zijn gemaakt en redelijk van omvang zijn. Het verschil is vooral dat de gebruikelijke proportionaliteitstoets minder beperkend werkt en geschilpunten doorgaans gunstiger voor de ontvangende partij worden beoordeeld.
De precieze som van £9.544.355 is een tussentijdse betaling — een voorschot op de kosten — en geen definitieve vaststelling van wat de eisers uiteindelijk moeten betalen. Nicklin bepaalde het bedrag als eerste bijdrage terwijl de partijen toewerken naar een verdere beoordeling van het bedrag dat ANL daadwerkelijk mag verhalen.
ANL had naar verluidt om meer dan £9,9 miljoen gevraagd. Het juridische team van de eisers pleitte voor een bedrag van ongeveer £7,9 miljoen. De rechter stelde het voorschot vast aan de bovenkant van die bandbreedte.
De genoemde £34,5 miljoen is ANL’s totale geclaimde kostenbedrag, niet een bedrag dat de zeven al definitief verschuldigd zijn. Wordt de rekening bij de beoordeling verlaagd, dan valt de uiteindelijke financiële schade lager uit. Wordt het grootste deel goedgekeurd, dan kunnen Harry en de andere eisers — ondanks hun verzekering — nog vele miljoenen moeten bijleggen.
De kostenuitspraak maakt niet noodzakelijk een einde aan alle procedurele mogelijkheden. De genoemde deadline van 2 oktober heeft betrekking op het vragen van toestemming voor, of het instellen van, een hoger beroep tegen de kostenbeslissing. Een hoger beroep schort het betalingsbevel niet automatisch op. Daarvoor zou een afzonderlijk uitstelbevel of een aangepaste beslissing van de rechtbank nodig zijn.
Simon Hughes zei dat hij een beroep overweegt. ANL omschreef de uitspraak als een overweldigende overwinning. Een eventueel hoger beroep zou zich moeten richten op de juridische grondslag van de kostenbeslissing en niet alleen op het feit dat de eisers het niet eens zijn met de uitkomst.
De uitspraak is een grote tegenslag voor Harry’s bredere juridische campagne tegen Britse krantenuitgevers. Ze staat in contrast met zijn gewonnen zaak tegen Mirror Group Newspapers, waarin hij £140.600 toegewezen kreeg, en met de latere excuses en schikking van News Group Newspapers over zijn claims.
De zaak tegen ANL is op procesniveau geëindigd in een volledige nederlaag tegen de uitgever van de Daily Mail. De belangrijkste openstaande kwesties zijn nu financieel en procedureel: welk deel van ANL’s rekening wordt goedgekeurd, of er daadwerkelijk hoger beroep komt en of het voorschot van £9,54 miljoen wordt gevolgd door een hoger eindbedrag.
In dezelfde nieuwsperiode werd bovendien gemeld dat Harry en Meghan met hun kinderen Archie en Lilibet vanuit Californië voor langere tijd naar Groot-Brittannië willen verhuizen. Dat plan staat los van deze rechtszaak en betekent niet dat het paar terugkeert als werkende leden van het Britse koningshuis.
De High Court wees alle zeven claims af omdat het bewijs volgens de rechter onvoldoende aantoonde dat ANL zich tegenover deze eisers schuldig had gemaakt aan onrechtmatige informatievergaring. Daarna volgde een uitzonderlijke kostenveroordeling op indemnity-basis, omdat de rechtszaak volgens Nicklin — alles bij elkaar genomen — onredelijk was gevoerd. De directe financiële consequentie is een eerste betaling van £9,54 miljoen vóór 28 augustus. De uiteindelijke rekening kan aanzienlijk hoger uitvallen, maar staat nog niet vast.
Dat bedrag is nog niet noodzakelijk de eindafrekening. ANL stelt dat zijn totale juridische kosten ongeveer £34,5 miljoen bedragen. De eisers zouden samen voor circa £16,2 miljoen verzekerd zijn via een zogenoemde after-the-event-verzekering: een polis die na het ontstaan van een juridisch geschil wordt afgesloten. Als ANL’s kosten grotendeels worden goedgekeurd, kan een tekort van ongeveer £18,3 miljoen ontstaan. De uiteindelijke aansprakelijkheid wordt echter pas vastgesteld na een gedetailleerde beoordeling van de rekening.
De zeven eisers beschuldigden ANL ervan dat de kranten tussen 1997 en 2015 onrechtmatige methoden hadden gebruikt om informatie voor artikelen te verzamelen. Het ging onder meer om het hacken van telefoons, het misleiden van mensen om vertrouwelijke informatie los te krijgen — in het Engels ‘blagging’ — surveillance en het inschakelen van privédetectives. ANL ontkende de beschuldigingen.
Op 7 juli 2026 wees Nicklin alle claims af. De uitspraak betekent niet dat privacyschendingen juridisch onbelangrijk zijn of dat dergelijk wangedrag in de media nooit heeft plaatsgevonden. De rechter oordeelde dat juist deze eisers hun specifieke beschuldigingen tegen ANL niet met voldoende betrouwbaar bewijs hadden onderbouwd.
Nicklin omschreef de zaak als ‘speculatief en grotendeels gebaseerd op gevolgtrekkingen’. Volgens de rechtbank was er geen voldoende betrouwbare bewijsbasis die de vermeende praktijken rechtstreeks aan de individuele claims van de zeven eisers koppelde.
Dat onderscheid is belangrijk. Een rechter kan erkennen dat er in een bredere mediahistorische context onrechtmatige praktijken kunnen zijn geweest, zonder vast te stellen dat de concrete beschuldigingen van deze eisers bewezen zijn. De uitspraak verwerpt daarom de claims zoals die tijdens het proces zijn aangevoerd; ze vormt geen algemene rechterlijke vaststelling dat iedere historische beschuldiging over tabloidkranten onwaar is.
In Engeland en Wales worden proceskosten doorgaans op de ‘standard basis’ beoordeeld. Een kostenveroordeling op de ‘indemnity basis’ is uitzonderlijk en gunstiger voor de winnende partij. Zo’n bevel wordt meestal gebruikt wanneer het gedrag tijdens een rechtszaak duidelijk buiten de normale grenzen van redelijk procederen valt.
Nicklin concludeerde dat het gedrag van de eisers, in samenhang bezien, zo’n uitzonderlijke maatregel rechtvaardigde. Zijn oordeel had betrekking op de omvang en ernst van de beschuldigingen, de manier waarop de zaak was gevoerd en zijn conclusie dat het procederen onredelijk was.
Een indemnity-veroordeling is echter geen blanco cheque. ANL krijgt niet automatisch elk bedrag dat het op zijn kostenrekening zet. Tijdens de latere, gedetailleerde kostenbeoordeling moet de uitgever nog steeds aantonen dat de kosten redelijkerwijs zijn gemaakt en redelijk van omvang zijn. Het verschil is vooral dat de gebruikelijke proportionaliteitstoets minder beperkend werkt en geschilpunten doorgaans gunstiger voor de ontvangende partij worden beoordeeld.
De precieze som van £9.544.355 is een tussentijdse betaling — een voorschot op de kosten — en geen definitieve vaststelling van wat de eisers uiteindelijk moeten betalen. Nicklin bepaalde het bedrag als eerste bijdrage terwijl de partijen toewerken naar een verdere beoordeling van het bedrag dat ANL daadwerkelijk mag verhalen.
ANL had naar verluidt om meer dan £9,9 miljoen gevraagd. Het juridische team van de eisers pleitte voor een bedrag van ongeveer £7,9 miljoen. De rechter stelde het voorschot vast aan de bovenkant van die bandbreedte.
De genoemde £34,5 miljoen is ANL’s totale geclaimde kostenbedrag, niet een bedrag dat de zeven al definitief verschuldigd zijn. Wordt de rekening bij de beoordeling verlaagd, dan valt de uiteindelijke financiële schade lager uit. Wordt het grootste deel goedgekeurd, dan kunnen Harry en de andere eisers — ondanks hun verzekering — nog vele miljoenen moeten bijleggen.
De kostenuitspraak maakt niet noodzakelijk een einde aan alle procedurele mogelijkheden. De genoemde deadline van 2 oktober heeft betrekking op het vragen van toestemming voor, of het instellen van, een hoger beroep tegen de kostenbeslissing. Een hoger beroep schort het betalingsbevel niet automatisch op. Daarvoor zou een afzonderlijk uitstelbevel of een aangepaste beslissing van de rechtbank nodig zijn.
Simon Hughes zei dat hij een beroep overweegt. ANL omschreef de uitspraak als een overweldigende overwinning. Een eventueel hoger beroep zou zich moeten richten op de juridische grondslag van de kostenbeslissing en niet alleen op het feit dat de eisers het niet eens zijn met de uitkomst.
De uitspraak is een grote tegenslag voor Harry’s bredere juridische campagne tegen Britse krantenuitgevers. Ze staat in contrast met zijn gewonnen zaak tegen Mirror Group Newspapers, waarin hij £140.600 toegewezen kreeg, en met de latere excuses en schikking van News Group Newspapers over zijn claims.
De zaak tegen ANL is op procesniveau geëindigd in een volledige nederlaag tegen de uitgever van de Daily Mail. De belangrijkste openstaande kwesties zijn nu financieel en procedureel: welk deel van ANL’s rekening wordt goedgekeurd, of er daadwerkelijk hoger beroep komt en of het voorschot van £9,54 miljoen wordt gevolgd door een hoger eindbedrag.
In dezelfde nieuwsperiode werd bovendien gemeld dat Harry en Meghan met hun kinderen Archie en Lilibet vanuit Californië voor langere tijd naar Groot-Brittannië willen verhuizen. Dat plan staat los van deze rechtszaak en betekent niet dat het paar terugkeert als werkende leden van het Britse koningshuis.
De High Court wees alle zeven claims af omdat het bewijs volgens de rechter onvoldoende aantoonde dat ANL zich tegenover deze eisers schuldig had gemaakt aan onrechtmatige informatievergaring. Daarna volgde een uitzonderlijke kostenveroordeling op indemnity-basis, omdat de rechtszaak volgens Nicklin — alles bij elkaar genomen — onredelijk was gevoerd. De directe financiële consequentie is een eerste betaling van £9,54 miljoen vóór 28 augustus. De uiteindelijke rekening kan aanzienlijk hoger uitvallen, maar staat nog niet vast.