Die combinatie is strategisch relevant nu de vraag naar rekenkracht snel toeneemt en de toegang tot geavanceerde Amerikaanse chips wordt bemoeilijkt door exportbeperkingen. Alibaba probeert zo meer onderdelen van zijn AI-infrastructuur zelf in handen te houden.
Het modellaboratorium achter Qwen, consumentgerichte AI-activiteiten en kantoorproducten worden samengebracht in AI Lab and Applications. Door onderzoek, consumentendiensten en software in één zelfstandige tak onder te brengen, maakt Alibaba de route van AI-model naar commercieel product explicieter.
De reorganisatie betekent in de praktijk een terugkeer naar meer integratie. In 2023 koos Alibaba met zijn zogenoemde ‘1+6+N’-structuur juist voor een verdergaande opsplitsing in zelfstandige bedrijfsgroepen, met ruimte voor afzonderlijke financiering of beursgangen.
Nu worden activiteiten opnieuw samengebracht rond de AI-stack. Ook het eerdere plan voor een beursgang van de clouddivisie werd ingetrokken. Onzekerheid over de levering van geavanceerde chips na nieuwe Amerikaanse exportbeperkingen speelde daarbij een rol.
De resultaten laten zien waarom Alibaba zijn organisatie sterker op AI en cloud richt:
De keerzijde is de hoge kapitaalbehoefte. Alibaba rapporteerde kwartaalinvesteringen van 67,7 miljard RMB, onder meer voor AI-infrastructuur. Tegelijkertijd daalde de aangepaste EBITDA met 30 procent op jaarbasis, ook al versnelden de groei van de clouddivisie en de cloud-EBITDA.
De reorganisatie is daarom meer dan een administratieve wijziging. Alibaba accepteert kennelijk hogere uitgaven en lagere marges op korte termijn om een geïntegreerd AI- en cloudbedrijf op te bouwen. De beoogde inkomsten moeten komen uit zakelijk cloudgebruik, AI-diensten, consumentenabonnementen en mogelijk royalty’s op commerciële Qwen-toepassingen.
De centrale vraag voor beleggers is daarmee niet langer alleen hoe snel Alibaba’s AI-activiteiten groeien, maar ook of die groei uiteindelijk kan worden omgezet in voorspelbare, terugkerende inkomsten.