China zal in augustus 2026 naar schatting 1,25 miljoen vaten Russische ruwe olie per dag over zee importeren. India’s Russische olie import daalde volgens beschikbare gegevens van 2,79 miljoen vaten per dag in juli en 2,73 miljoen in juni naar 1,87 miljoen in augustus.
Research answer

Create a landscape editorial hero image for this Studio Global article: How is China’s rapid increase in seaborne Russian crude imports—projected at 1.25 million barrels per day in August 2026, including an unusu. Article summary: China is absorbing a larger share of the Russian barrels India had relied on as a substitute for disrupted Middle Eastern supply. That shifts bargaining power to Russian sellers, strips Indian refiners of the large crude. Topic tags: general, news, general web. Style: premium digital editorial illustration, source-backed research mood, clean composition, high detail, modern web publication hero. Use reference image context only for broad subject, composition, and topical grounding; do not copy the exact image. Avoid: logos, brand marks, copyrighted characters, real person likenesses, fake screenshots, UI text, readable text, watermarks, charts with fake numbers
China verandert de machtsverhoudingen op de Aziatische oliemarkt. Chinese importeurs zullen in augustus 2026 naar schatting 1,25 miljoen vaten Russische ruwe olie per dag (bpd) over zee binnenhalen. Dat is iets minder dan de 1,423 miljoen vaten per dag in juli, maar nog altijd een van de hoogste niveaus sinds april. Opvallend is vooral dat 31% van de augustus-import uit Russische Europese exporthavens komt. Chinese kopers nemen daarmee een veel groter deel van de Urals-stroom voor hun rekening waarop Indiase raffinaderijen eerder konden terugvallen.
Het directe gevolg: India heeft minder toegang tot goedkope Russische grondstof, terwijl Rusland een grote alternatieve afnemer behoudt. Dat drukt op de resultaten van Indiase raffinaderijen en maakt de buffer op de Aziatische brandstoffenmarkt kleiner als zich opnieuw een verstoring van aanvoer of scheepvaart voordoet.
India verhoogde zijn aankopen van Russische ruwe olie toen leveringen uit het Midden-Oosten werden verstoord door het conflict en beperkingen rond de Straat van Hormuz. Russische olie was in juli goed voor 50,83% van de Indiase olie-import, oftewel ongeveer 2,47 miljoen vaten per dag, volgens door Reuters aangehaalde handelsgegevens.
Daarna daalde India’s import van Russische ruwe olie volgens beschikbare gegevens naar 1,87 miljoen vaten per dag in augustus, tegenover 2,79 miljoen in juli en 2,73 miljoen in juni. China verhoogde intussen zijn Russische aankopen en beperkte zich niet langer vooral tot de oostelijke Russische olievelden. Het kocht ook meer Urals-olie uit westelijke exporthavens.
Dit is geen eenmalige verschuiving. Volgens door Bloomberg aangehaalde scheepsdata bedroeg de levering van Russische ruwe olie aan Chinese havens in de eerste achttien dagen van februari gemiddeld ongeveer 2,09 miljoen vaten per dag. De bredere trend laat zien dat China een vervangende afzetmarkt kan worden wanneer de Indiase vraag afneemt — en tegelijk een directe concurrent wanneer beide landen Russische vaten nodig hebben om minder aanbod uit het Midden-Oosten op te vangen.
Chinese raffinaderijen kopen meer Russische olie om een lagere beschikbaarheid van olie uit het Midden-Oosten te compenseren. Het staatsbedrijf Sinopec zou voor levering tussen juli en september 30 tot 40 ladingen ESPO-olie uit Rusland hebben vastgelegd. Dat komt neer op ongeveer 241.000 tot 320.000 vaten per dag, volgens handelsbronnen en scheepsvolggegevens.
China is bereid olie op te halen uit zowel de verre oostelijke als de Europese Russische havens. Daardoor beschikt Rusland over een extra grote afzetmarkt. Voor India betekent dat minder onderhandelingsmacht: zodra meer kopers bereid zijn langere vaarroutes en ingewikkelde transportconstructies te accepteren, heeft Moskou minder reden om de forse kortingen te handhaven die Indiase raffinaderijen eerder aantrokken.
De beschikbare gegevens wijzen vooral op een herverdeling van Russische olie, niet op een onmiddellijke verdwijning ervan uit de wereldhandel. India koopt mogelijk minder Russische vaten, maar de Chinese vraag houdt die olie wel in beweging richting Azië en zorgt ervoor dat Rusland zijn exportkanaal behoudt. Eerdere cijfers lieten eveneens zien dat China meer Urals kocht toen India zich terugtrok.
De commerciële impact is het duidelijkst zichtbaar in de olieprijs. De korting op Russische Urals-olie die in India wordt geleverd, was eind juli teruggelopen tot ongeveer 1 à 2 dollar per vat onder de gedateerde Brent-benchmark. Begin juli bedroeg die korting nog meer dan 10 dollar.
De financiële topman van BPCL zei afzonderlijk dat handelaren geen kortingen meer aanboden op Russische olie voor India, omdat de verstoring van de aanvoer uit het Midden-Oosten de vraag naar alternatieve kwaliteiten had opgedreven. Zodra de korting grotendeels verdwijnt, verliest Russische olie een belangrijk deel van haar kostenvoordeel. Alternatieve kwaliteiten uit Latijns-Amerika, Afrika of het beschikbare Midden-Oosten kunnen bovendien duurder zijn om geleverd te krijgen of andere verwerkingseisen stellen.
Voor raffinaderijen ontstaat daardoor op twee manieren druk op de marge:
De beschikbare berichtgeving toont geen bedrijfsspecifieke stillegging of becijferd marg verlies voor Reliance Industries, Indian Oil of BPCL. De bredere, verdedigbare conclusie is dat alle drie te maken krijgen met een minder gunstige grondstofomgeving wanneer de Urals-korting kleiner wordt. De precieze gevolgen hangen af van de flexibiliteit van iedere raffinaderij, de productmix, voorraden, contracten en de mogelijkheid om hogere kosten door te berekenen aan klanten.
Reliance Industries wordt, net als andere Indiase raffinadeerders, geraakt door de wereldwijde verschuiving in ruwe-oliekosten. De beschikbare bronnen bevatten echter onvoldoende bedrijfsgegevens om het precieze effect te meten. De positie van Reliance moet daarom vooral worden beoordeeld aan de hand van het verschil tussen grondstofkosten en opbrengsten uit olieproducten, niet alleen op basis van Russische importcijfers.
Indian Oil staat voor dezelfde inkoopuitdaging als andere binnenlandse raffinaderijen: betrouwbare grondstof veiligstellen terwijl Russische kortingen kleiner worden en de aanvoer uit het Midden-Oosten verstoord blijft. De beschikbare bronnen kwantificeren de huidige Russische volumes of de margedruk bij Indian Oil niet. Een specifieke operationele achterstand kan daarom niet zonder meer worden vastgesteld.
BPCL is in de beschikbare informatie het duidelijkst gedocumenteerde geval. Het bedrijf meldde dat de kortingen op Russische olie waren verdwenen door de sterkere vraag naar alternatieven en dat het nog bezig was met het regelen van toekomstige leveringen. Dat wijst op druk op de inkoopeconomie, maar niet op een onvermogen om olie te verkrijgen of op een bevestigd brandstoftekort.
Voor alle drie de bedrijven zijn vooral deze indicatoren belangrijk: het prijsverschil tussen Urals en Brent, vracht- en verzekeringskosten, de beschikbaarheid van vervangende oliekwaliteiten en de snelheid waarmee binnenlandse brandstofprijzen hogere grondstofkosten weerspiegelen.
Het risico neemt toe, maar dat betekent niet dat een regionaal tekort op korte termijn vaststaat.
De aanvoer van olie uit het Midden-Oosten is beperkt geraakt door het conflict en de verstoring rond de Straat van Hormuz. Indiase raffinaderijen reageerden door meer olie uit Rusland en Latijns-Amerika te kopen, terwijl de volumes uit het Midden-Oosten daalden. China gebruikt ondertussen Russische olie om een deel van de verminderde Golfaanvoer te compenseren.
Daarmee heeft Azië minder ruimte voor fouten. Een nieuwe onderbreking bij de Straat van Hormuz, Russische exporthavens, de beschikbaarheid van tankers of regionale raffinagecapaciteit kan het moeilijker maken om weggevallen vaten te vervangen. Het eerste effect zou waarschijnlijk bestaan uit hogere olie- en vrachtkosten en lagere raffinagemarges. Plaatselijke tekorten en hogere pompprijzen worden waarschijnlijker als ook de voorraden van geraffineerde producten krap zijn.
Tegelijkertijd blijft de Chinese importprognose voor augustus een schatting. De beschikbare informatie laat niet zien dat Aziatische consumenten nu al met een algemeen brandstoftekort te maken hebben. De meest directe en meetbare ontwikkeling is het verlies van India’s onderhandelingsvoordeel: de Chinese vraag helpt Russische olie op te nemen op het moment dat Indiase raffinaderijen meer moeten betalen om hun aanvoer veilig te stellen.
China’s aankopen van Russische olie veranderen een tijdelijke strategie om het aanbod in evenwicht te houden in een aanhoudende strijd om ladingen. India gebruikte goedkope Urals-olie om verstoorde leveringen uit het Midden-Oosten te vervangen. China neemt nu meer van diezelfde vaten af, waaronder een groter aandeel uit Russische Europese havens.
Dat versterkt de positie van Rusland als verkoper, verkleint de besparing voor Indiase raffinaderijen en maakt de Aziatische brandstoffenmarkt kwetsbaarder voor een volgende logistieke of aanbodschok. Een tekort is niet onvermijdelijk — maar de buffer van goedkope olie die India en de rest van de regio door de huidige verstoring hielp, wordt wel steeds dunner.
Studio Global AI
This page includes a source-backed answer you can continue inside Studio Global.
China zal in augustus 2026 naar schatting 1,25 miljoen vaten Russische ruwe olie per dag over zee importeren.
China zal in augustus 2026 naar schatting 1,25 miljoen vaten Russische ruwe olie per dag over zee importeren. India’s Russische olie import daalde volgens beschikbare gegevens van 2,79 miljoen vaten per dag in juli en 2,73 miljoen in juni naar 1,87 miljoen in augustus.
De concurrentie om Russische olie is structureel: China ontving in de eerste achttien dagen van februari gemiddeld 2,09 miljoen vaten per dag, terwijl Russische olie in juli 50,83% van India’s import uitmaakte.