De EIA verhoogt de verwachting voor Brentolie naar gemiddeld 86,81 dollar per vat in 2026, voordat de prijs in 2027 kan dalen naar 69,39 dollar. De doorvoer door de Straat van Hormuz zakte in het tweede kwartaal van 2026 naar 4,9 miljoen vaten per dag, tegenover 21,6 miljoen in het vierde kwartaal van 2025.
Research answer

Create a landscape editorial hero image for this Studio Global article: What does the U.S. Energy Information Administration’s August 2026 Short-Term Energy Outlook—completed August 6 amid the prolonged U.S.-Iran. Article summary: The EIA’s August STEO describes an oil market made tight by disrupted Middle East production and shipping, with inventory draws supporting high 2026 prices before a partial supply recovery and inventory rebuilding ease p. Topic tags: general, news, general web, user generated, government. Style: premium digital editorial illustration, source-backed research mood, clean composition, high detail, modern web publication hero. Use reference image context only for broad subject, composition, and topical grounding; do not copy the exact image. Avoid: logos, brand marks, copyrighted characters, real person likenesses, fake screenshots, UI text, readable text, watermar
De Amerikaanse Energy Information Administration (EIA) schetst in haar Short-Term Energy Outlook van augustus 2026 een oliemarkt die nu krap is, maar in 2027 geleidelijk meer ademruimte kan krijgen. De instantie verwacht dat het herstel van de productie, het scheepvaartverkeer en de voorraden de prijzen volgend jaar drukt. Tegelijkertijd blijft een deel van de olieproductie in het Midden-Oosten waarschijnlijk langdurig buiten bedrijf. Het rapport werd op 11 augustus gepubliceerd, niet op 6 augustus.
De EIA verhoogde haar verwachting voor Brentolie naar gemiddeld 86,81 dollar per vat in 2026, tegenover 81,91 dollar in de vorige raming. Voor het derde kwartaal rekent de instantie op ongeveer 85 dollar per vat. In het vierde kwartaal kan Brent dalen naar circa 78 dollar, als het tankertransport en de productie beginnen te herstellen.
Voor 2027 voorziet de EIA een gemiddelde Brentprijs van 69,39 dollar per vat. Die daling hangt samen met een groter aanbod en het opnieuw opbouwen van de wereldwijde olievoorraden na de verwachte daling op korte termijn.
De raming gaat dus niet uit van permanent dure olie, maar van een tweefasig verloop:
De EIA gaat ervan uit dat de ernstige beperkingen voor olietransport door de Straat van Hormuz tot en met augustus aanhouden. Omdat producenten niet al hun beschikbare ruwe olie naar de markt kunnen brengen, moet in het Midden-Oosten meer productie worden stilgelegd dan de EIA in haar raming van juli aannam.
De omvang van de verstoring blijkt uit de transportcijfers. In het tweede kwartaal van 2026 werd via Hormuz gemiddeld 4,9 miljoen vaten olie en olieproducten per dag vervoerd. In het vierde kwartaal van 2025 was dat nog 21,6 miljoen vaten per dag. De stilgelegde productie in de regio bedroeg in juli gemiddeld 5,5 miljoen vaten per dag, tegenover naar schatting 7,5 miljoen in juni.
Alternatieve routes kunnen slechts een deel van het verschil opvangen. Transport via de Rode Zee, het Suezkanaal of de SUMED-pijpleiding is langer en duurder en wordt bovendien beperkt door de beschikbare capaciteit. Daardoor draait het op de oliemarkt niet alleen om de hoeveelheid die wordt geproduceerd, maar ook om de vraag of die olie veilig bij afnemers kan komen.
De lagere doorvoer door Hormuz zal volgens de EIA de wereldwijde voorraden de komende maanden verder doen dalen. De commerciële Amerikaanse ruwe-olievoorraden blijven naar verwachting tot het einde van 2026 onder het laagste niveau van de vijf jaar 2021–2025. Een hoge raffinagevraag, grotere Amerikaanse olie-export en lagere import dragen bij aan die druk.
Ook de beoordeling van het Internationaal Energieagentschap (IEA) laat zien hoe snel de buffer slinkt. De wereldwijd meetbare olievoorraden daalden in juli met 69 miljoen vaten en lagen ongeveer 410 miljoen vaten onder het niveau aan het begin van het conflict.
Dat betekent niet automatisch dat de wereld zonder olie komt te zitten. Strategische reserves, alternatieve leveranciers, een lager verbruik en omgeleide ladingen kunnen de schok dempen. Maar kleinere voorraden laten minder ruimte voor een nieuwe onderbreking van de scheepvaart, een productiestoring of verdere escalatie rond een belangrijke exportroute.
De EIA verwacht dat de meeste olieproductie in het Midden-Oosten in begin 2027 terugkeert naar een niveau dat dicht bij het gemiddelde van vóór het conflict ligt. Toch voorziet de instantie dat ongeveer 600.000 vaten per dag aan regionale productie tot eind 2027 verstoord blijft.
Dat onderscheid is belangrijk. Een heropening van belangrijke scheepvaartroutes kan een groot deel van het verloren aanbod terugbrengen, maar niet ieder olieveld of exportsysteem kan onmiddellijk opnieuw worden opgestart. Veiligheidsrisico’s, beschadigde infrastructuur, logistieke problemen en de complexe coördinatie van een volledige herstart kunnen een resterend tekort veroorzaken, ook als de handelsstromen verbeteren.
De EIA gaat ervan uit dat de doorvoer door Hormuz geleidelijk herstelt en niet meteen terugkeert naar normaal. Daardoor kunnen de olieprijzen in 2027 dalen terwijl de markt nog steeds met een aantoonbare regionale verstoring te maken heeft.
De augustusraming van de IEA geeft een somberder beeld van de jaarlijkse balans. Het agentschap verwacht dat het wereldwijde olieaanbod in 2026 met 4,3 miljoen vaten per dag afneemt tot 102 miljoen vaten per dag. De groei van 1,4 miljoen vaten per dag in Noord- en Zuid-Amerika compenseert slechts een deel van de verliezen in het Midden-Oosten en Rusland.
Tegelijkertijd verwacht de IEA dat de wereldwijde olievraag met ongeveer 1,56 miljoen vaten per dag daalt tot 103,29 miljoen vaten per dag. Hoge prijzen en een beperkte beschikbaarheid drukken het verbruik.
Zelfs na die vraaguitval voorziet het agentschap een aanzienlijk tekort: ongeveer 1,8 miljoen vaten per dag in het huidige kwartaal. De IEA meldt bovendien dat de cumulatieve verliezen aan olieaanbod uit het Midden-Oosten inmiddels meer dan 1,3 miljard vaten bedragen. De doorvoer door Hormuz lag in maart, april en mei gemiddeld op slechts 2,7 miljoen vaten per dag, tegen ongeveer 20 miljoen vóór het conflict.
De cijfers van de EIA en de IEA spreken elkaar niet noodzakelijk tegen. De EIA richt zich vooral op het verwachte pad van prijzen, productie en voorraden onder haar eigen aannames. De IEA benadrukt sterker hoe groot het huidige aanbodtekort en de jaarlijkse productiedaling zijn. Verschillende modellen, publicatiemomenten en aannames over het tempo van herstel leiden tot verschillende prognoses.
De IEA meldde daarnaast dat de regionale export, inclusief ladingen die Hormuz omzeilen, in juli met 2,1 miljoen vaten per dag daalde tot gemiddeld 15 miljoen vaten per dag.
De beschikbare bronnen onderbouwen geen precieze IEA-raming voor de raffinagecapaciteit of een specifiek cijfer voor Amerikaanse dieselvoorraden. Die cijfers kunnen daarom niet als vaststaande conclusies uit de augustusrapporten worden gepresenteerd.
De verstoring gaat niet alleen over de hoeveelheid olie die legaal en veilig door de regio kan worden vervoerd. Windward identificeerde de ankerplaats Koh-e-Mubarak als een actief knooppunt voor sanctieontwijking en schip-tot-schipoverslag. Volgens de analyse waren er ongeveer 20 schepen bij betrokken en waren acht schepen die op de sanctielijst van OFAC staan er aantoonbaar aanwezig.
Dat wijst op een minder transparante scheepvaartomgeving rond de strategische zeestraat. Sommige ladingen kunnen via informele of risicovollere kanalen blijven bewegen, maar zulke operaties brengen extra risico’s mee op het gebied van handhaving, verzekering, veiligheid, identificatie en escalatie.
Een toename van het aantal schepen betekent daarom niet automatisch dat de normale oliestroom is hersteld. Voor de markt telt uiteindelijk niet alleen hoeveel tankers varen, maar ook of de transporten betrouwbaar, verzekerd en transparant zijn.
De augustusraming van de EIA komt neer op schaarste op korte termijn, gevolgd door een onvolledig herstel. Brentolie kost volgens de prognose gemiddeld 86,81 dollar per vat in 2026 en daalt in 2027 richting 69,39 dollar naarmate productie en voorraden verbeteren. Toch kan ongeveer 600.000 vaten per dag aan productie uit het Midden-Oosten tot eind 2027 verstoord blijven.
De cijfers van de IEA onderstrepen het directe risico: de aanbodverliezen zijn groot genoeg om een fors tekort te veroorzaken, zelfs nu de vraag afneemt. Tegelijkertijd zijn de voorraden al sterk gedaald. De cruciale vraag voor de volgende fase van de oliemarkt is daarom niet alleen of producenten hun olievelden opnieuw opstarten, maar ook of een betrouwbare, verzekerbare en transparante scheepvaart door de regio kan terugkeren.
Studio Global AI
This page includes a source-backed answer you can continue inside Studio Global.
De EIA verhoogt de verwachting voor Brentolie naar gemiddeld 86,81 dollar per vat in 2026, voordat de prijs in 2027 kan dalen naar 69,39 dollar.
De EIA verhoogt de verwachting voor Brentolie naar gemiddeld 86,81 dollar per vat in 2026, voordat de prijs in 2027 kan dalen naar 69,39 dollar. De doorvoer door de Straat van Hormuz zakte in het tweede kwartaal van 2026 naar 4,9 miljoen vaten per dag, tegenover 21,6 miljoen in het vierde kwartaal van 2025.
De EIA verwacht dat ongeveer 600.000 vaten olie per dag uit het Midden Oosten tot eind 2027 verstoord blijven.