In verhouding tot de totale Amerikaanse staatsschuld blijft het programma klein. Toch gaf de timing een belangrijk signaal af: beleidsmakers waren bezorgd over de snelheid en omvang van de rentestijging.
Deutsche Bank omschreef de maatregel als vergelijkbaar met een vorm van ‘Operation Twist’ en als ‘zachte financiële repressie’. Met die termen wordt bedoeld dat de overheid probeert de langetermijnrente te drukken, in plaats van de markt volledig vrij te laten bepalen hoe hoog de financieringskosten oplopen.
De redenering van Deutsche Bank is dat buitenlandse beleggers langlopende Amerikaanse staatsleningen mogelijk minder aantrekkelijk vinden wanneer de overheid actief probeert de rente aan de lange kant te begrenzen. Tegelijk zou de Treasury meer kortlopende schatkistcertificaten — zogenoemde Treasury bills — moeten uitgeven om het uit de markt halen van langlopende schuld te financieren. Daardoor zou de gemiddelde looptijd van de Amerikaanse financiering korter worden.
Volgens die analyse is de combinatie op structurele termijn ongunstig voor de dollar, ook al kan de ingreep de obligatiemarkt tijdelijk stabiliseren. Het gaat hierbij om een analytische duiding van Deutsche Bank; de beschikbare informatie bewijst niet zelfstandig elk onderdeel van die redenering.
De markten keken tegelijkertijd uit naar de notulen van de meest recente vergadering van het Federal Open Market Committee (FOMC), het beleidscomité van de Amerikaanse Federal Reserve. Daaruit bleek dat verschillende beleidsmakers bereid waren de rente te verhogen als de inflatie niet verder zou dalen. Een duidelijk havikachtige toon had de Amerikaanse rentes tijdelijk opnieuw kunnen opdrijven en de dollar kunnen steunen.
Fed-voorzitter Kevin Warsh had wel toegezegd de prijsstabiliteit te bewaken, maar weinig vooruitgekeken naar de manier waarop de centrale bank dat precies zou doen. Die beperkte vooruitblik liet beleggers onzeker over de toekomstige beleidsreactie en maakte het moeilijker om een betrouwbaar pad voor de rente uit te tekenen.
Ook de geopolitieke spanningen in het Midden-Oosten hielden de olieprijs op het hoogste niveau in drie weken. Duurdere olie vergroot het inflatierisico, wat de lange rente hoger kan houden en de taak van de Federal Reserve ingewikkelder maakt.
De yen kreeg steun van twee kanten. Allereerst verzwakte de dollar doordat lagere Amerikaanse rentes het renteverschil met andere economieën verkleinden. Daarnaast profiteerde de Japanse munt van recente gezamenlijke interventie van de Verenigde Staten en Japan om de yen te ondersteunen.
De dollar noteerde op 159,32 yen en bewoog daarmee verder weg van het nauwlettend gevolgde niveau van 160 yen per dollar. Zolang de Amerikaanse lange rente onder druk blijft en de markt twijfelt of de Federal Reserve de eerder ingeprijsde renteverhogingen daadwerkelijk doorvoert, kan dat de yen extra steun geven.
Er staan twee tegengestelde krachten tegenover elkaar. Inflatie en hoge olieprijzen kunnen de lange Amerikaanse rente hoog houden. Tegelijkertijd zouden signalen van afzwakkende economische groei, of het uitblijven van renteverhogingen waarop beleggers hadden gerekend, de rente juist verder kunnen doen dalen.
In dat tweede scenario versterkt het terugkoopprogramma het negatieve verhaal voor de dollar: de lange rente wordt begrensd en daarmee neemt een belangrijke bron van steun voor de munt af. De yen behoort dan tot de valuta’s die waarschijnlijk het meest profiteren.