Vicekanselier en minister van Financiën Lars Klingbeil zei dat de EU sancties “zeer serieus” moet overwegen. Volgens hem kan de Duitse regering dit soort uitspraken op geen enkele manier accepteren.
Jürgen Hardt, buitenlandwoordvoerder van de CDU/CSU-fractie in de Bondsdag, ging nog een stap verder. Hij riep de Europese Unie rechtstreeks op om Ben-Gvir sancties op te leggen en veroordeelde diens “ontmenselijkende uitspraken”. Dat is politiek relevant, omdat Hardt deel uitmaakt van het conservatieve machtsblok rond Merz. Zijn oproep is op zichzelf echter geen formeel kabinetsbesluit.
De internationale kritiek op Ben-Gvir begon niet met deze laatste opmerkingen. De extreemrechtse minister heeft eerder gepleit voor Israëlische nederzettingen in Gaza en voor grootschalige Palestijnse “emigratie”. Die voorstellen worden internationaal in verband gebracht met gedwongen verplaatsing van Palestijnen.
Zijn jongste uitspraken gingen volgens critici verder: ze leken niet alleen te pleiten voor militaire acties tegen directe bedreigingen, maar voor een vast aantal dodelijke aanvallen per nacht, ook tegen mensen die op dat moment geen direct gevaar zouden vormen.
Het Verenigd Koninkrijk, Australië, Canada, Nieuw-Zeeland en Noorwegen legden in juni 2025 gezamenlijk nationale sancties en andere beperkende maatregelen op aan Ben-Gvir en de Israëlische minister van Financiën Bezalel Smotrich. De landen verwezen naar herhaalde aanmoedigingen van geweld tegen Palestijnen op de Westelijke Jordaanoever.
De maatregelen omvatten in de afzonderlijke nationale regelingen onder meer inreisbeperkingen en financiële sancties, zoals het bevriezen van tegoeden.
Ook Frankrijk stelde een inreisverbod voor Ben-Gvir in. Ierland kondigde aan dat zowel Ben-Gvir als Smotrich niet naar het land mochten reizen.
Een sanctie op EU-niveau ligt ingewikkelder. EU-buitenlandchef Kaja Kallas zei in juni dat veel lidstaten voor sancties waren, maar dat de vereiste consensus ontbrak.
Voor beperkende maatregelen binnen het relevante EU-buitenlandbeleid is unanimiteit nodig: alle 27 regeringen moeten instemmen. Eén lidstaat kan het besluit daardoor tegenhouden. Dat verklaart waarom brede politieke steun niet automatisch leidt tot een sanctielijst.
De kwestie kan opnieuw worden besproken tijdens de informele bijeenkomst van de EU-ministers van Buitenlandse Zaken op 1 en 2 september in Ierland. Zo’n zogenoemde Gymnich-bijeenkomst is vooral bedoeld voor overleg en leidt niet automatisch tot een sanctiebesluit.
De uitkomst hangt af van twee ontwikkelingen: of Duitsland zijn scherpere retoriek omzet in een formeel pleidooi voor plaatsing van Ben-Gvir op een EU-sanctielijst, en of de resterende sceptische lidstaten alsnog akkoord gaan. Volgens recente diplomatieke berichtgeving bleef een akkoord vóór de bijeenkomst onwaarschijnlijk.