De vergelijking met Japan maakte de Amerikaanse frustratie groter. Volgens berichtgeving heeft Japan binnen zijn investeringstoezegging van 550 miljard dollar al zes projecten afgerond, terwijl Zuid-Korea nog geen project openbaar heeft gemaakt. Seoul verwachtte eind augustus of begin september met een eerste project te komen. De totale investeringstoezegging loopt door tot januari 2029.
De onderhandelingen werden ingewikkelder toen Washington erop aandrong dat Samsung Electronics en SK hynix productiefaciliteiten voor geheugenchips in de Verenigde Staten zouden bouwen. Minister Lutnick riep beide bedrijven daar publiekelijk toe op, kort nadat zij samen een plan ter waarde van honderden miljarden won hadden aangekondigd voor de Zuid-Koreaanse regio Honam.
Dat stelde Seoul voor een praktisch probleem. De regering werkte al aan andere projecten, terwijl Samsung en SK hynix zich al fors hadden vastgelegd op uitbreiding van hun capaciteit in Zuid-Korea. Zuid-Koreaanse functionarissen en vertegenwoordigers uit de industrie zagen de Amerikaanse eis daarom niet alleen als een verzoek om bestaande plannen sneller uit te voeren. Het leek erop dat Washington ook bepaalde welk project voorrang moest krijgen.
Het Zuid-Koreaanse presidentiële kantoor ontkende dat een Amerikaans chipproject was aangewezen als eerste investering binnen de belofte van 350 miljard dollar. Die ontkenning laat het belangrijkste meningsverschil zien: Washington wil zichtbare, strategisch belangrijke projecten in de VS, terwijl Seoul weigert de halfgeleiderinvestering als overeengekomen startpunt te behandelen.
Het conflict blijft niet langer beperkt tot commerciële onderhandelingen. Volgens berichtgeving zijn er ook spanningen over militaire oefeningen, steun aan Amerikaanse operaties, nucleair aangedreven onderzeeërs en aanpassingen aan het bilaterale kader voor nucleaire samenwerking.
Trump verwees bovendien naar het feit dat president Lee Jae Myung geen steun had gegeven aan Amerikaanse militaire operaties tegen Iran toen hij opdracht gaf de gezamenlijke oefeningen te beperken. Dat wijst erop dat Washington de economische uitvoering van afspraken en de politieke opstelling van Seoul steeds vaker samen beoordeelt met de bijdrage aan de alliantie.
Het signaal aan Zuid-Korea is daarmee duidelijk: toegang tot gevoelige veiligheidssamenwerking kan worden beïnvloed door bredere meningsverschillen tussen beide landen. Seoul benadrukt ondertussen zowel de samenwerking binnen de alliantie als een grotere militaire zelfredzaamheid. Lee riep op om sneller werk te maken van het Zuid-Koreaanse programma voor een nucleair aangedreven onderzeeër, dat volgens hem symbool moet staan voor een sterkere toekomst van de alliantie.
Het verkleinen van de oefeningen past ook bij Trumps eerdere poging om beperkingen op militaire oefeningen te gebruiken als gebaar richting Pyongyang. De Amerikaanse president heeft belangstelling getoond voor een hervatting van zijn eerdere contacten met Kim, en recente berichtgeving wijst op mogelijke openheid voor nieuw overleg.
Een nieuwe top is echter niet aanstaande en zeker niet gegarandeerd. De onderhandelingen liepen in 2019 vast. Daarna negeerde Noord-Korea grotendeels Amerikaanse en Zuid-Koreaanse pogingen om de dialoog te hervatten, waaronder humanitaire voorstellen. Analisten waarschuwen bovendien dat Trumps belangstelling voor hernieuwd contact niet noodzakelijk wordt gedeeld door Kim.
De strategische omstandigheden zijn ook ongunstiger dan tijdens Trumps eerste ambtstermijn. Noord-Korea heeft zijn nucleaire capaciteiten uitgebreid, noemt Zuid-Korea een vijandige tegenstander en heeft de militaire banden met Rusland aangehaald. Dat gebeurde onder meer via een wederzijdse defensieovereenkomst en steun voor de Russische oorlog tegen Oekraïne.
Een beperking van de oefeningen kan Washington dus een diplomatieke opening bieden, maar garandeert niet dat Pyongyang iets terugdoet. Noord-Korea kan de stap ook uitleggen als bewijs dat de druk op het regime afneemt.
Zuid-Korea heeft zijn diplomatieke positie aangepast aan die hardere werkelijkheid. In plaats van volledige denuclearisatie als voorwaarde vooraf te eisen, overweegt de regering-Lee eerst een bevriezing van het Noord-Koreaanse nucleaire programma in ruil voor wederzijdse stappen. De eerste fase zou dan gericht zijn op het stoppen van verdere productie en ontwikkeling, voordat uiteindelijk over ontmanteling wordt gesproken.
Dat is pragmatische wapenbeheersing, geen formele erkenning van Noord-Korea als een permanent legitieme kernwapenstaat. Het succes zou afhangen van wat precies wordt bevroren, hoe naleving wordt gecontroleerd en welke concessies daartegenover staan.
Het grootste risico is dat diplomatieke signalen en militaire paraatheid uit elkaar gaan lopen. Als de oefeningen worden beperkt zonder een geloofwaardige Noord-Koreaanse bevriezing of een andere controleerbare tegenprestatie, kunnen geallieerde strijdkrachten trainingsmogelijkheden verliezen. Ook kan het vertrouwen van Zuid-Korea in de betrouwbaarheid van de Verenigde Staten afnemen. Analisten waarschuwen dat kleinere oefeningen de paraatheid op lange termijn kunnen verzwakken, terwijl Pyongyang voordeel krijgt zonder meteen iets toe te zeggen.
Een beperkte afspraak waarbij een bevriezing wordt geruild tegen concessies kan desondanks realistischer zijn dan de eis van onmiddellijke denuclearisatie. Om de alliantie te beschermen, zijn dan wel duidelijke verificatie, voortdurende Amerikaans-Zuid-Koreaanse afstemming en garanties nodig dat kleinere oefeningen niet uitmonden in een permanente verzwakking van de afschrikking.
De bredere les is dat Trumps besluit niet alleen door Noord-Koreabeleid wordt ingegeven. Het past ook in een transactionele benadering van de alliantie, waarin investeringen, politieke steun, defensiesamenwerking en diplomatieke toegang steeds meer als onderling verbonden vormen van druk worden behandeld. Dat kan beweging brengen in de onderhandelingen, maar vergroot ook de kans op misrekeningen voor Seoul, Washington en de rest van de regio.