De onderzoekers gebruikten meerdere bewijslijnen om aan te tonen dat S. candelabrum aan alle vier de formele criteria voor carnivorie voldoet: aantrekken, vangen, verteren en opnemen .
Het vangstmechanisme van de plant is subtiel:
De plant lijkt een slimme oplossing te hebben geëvolueerd om te voorkomen dat hij zijn eigen bestuivers opeet. De kleverige vangkliertjes zitten op de stengels en takken – niet op de bloemen zelf . De gevangen prooien zijn voornamelijk kleine dansmuggen, die anders zijn dan de grotere primaire bestuivers van de plant . In experimenten werden grotere vliegen die de bloemen bezochten voor bestuiving zelden gevangen door de kleverige haren . Co-onderzoeker Hang Sun merkte op: "De plant richt zich alleen op kleine insecten en houdt grote bestuivers veilig" . Dit wijst op een combinatie van ruimtelijke scheiding en selectieve vangst op grootte, al zijn de specifieke bevindingen van de studie hierover beperkt .
De ontdekking heeft meerdere belangrijke gevolgen:
Belangrijkste bron: De studie werd gepubliceerd in Nature Communications (2026), DOI: 10.1038/s41467-026-75288-y .