De crisis in de Straat van Hormuz veroorzaakte 'de grootste verstoring van de olievoorziening in de geschiedenis' en 'de meest dramatische prijsstijging en -daling ooit in zo'n korte periode' . Brent-olie bereikte op 7 april (vlak voor de eerste wapenstilstand) een hoogtepunt van $144,42, maar stortte op 3 juli in tot $69,35 . Na het verbreken van de wapenstilstand schoot de Brent-prijs weer omhoog. Op 10 augustus 2026 steeg de olieprijs verder, waarbij Brent die dag alleen al met meer dan 1% toenam, omdat Iran verstrekkende concessies eiste voor een mogelijke heropening van de zeestraat . De Wereldbank voorspelt dat Brent-olie in 2026 gemiddeld $94 per vat zal kosten, ongeveer 36% meer dan in 2025 .
Europa: De Britse FTSE 100 daalde op 8 juli met 1,7% als gevolg van de stijgende olieprijs . De Duitse DAX en de Franse CAC waren eerder flink gestegen na het sluiten van de wapenstilstand in april (DAX +5%, CAC +4,7%), maar moesten die winsten weer inleveren toen de spanningen oplaaiden . Europese aandelen daalden eind april ook fors nadat de VS een Iraans schip in beslag had genomen. Dit patroon herhaalde zich bij elke tegenslag voor de wapenstilstand .
Azië: Aziatische beurzen reageerden zeer gevoelig op nieuws uit de Straat van Hormuz. Na het bereiken van de wapenstilstand op 8 april schoot de Japanse Nikkei 225 met 5,5% omhoog en de Zuid-Koreaanse Kospi steeg met maar liefst 5,7% . Ook bij het nieuws over een raamwerkakkoord halverwege juni veerden de Aziatisch-Pacifische markten op . Nieuwe vijandelijkheden leidden daarentegen tot brede dalingen in de regio . Op 8 juli alleen al daalde de index in Seoel met 5,35% .
De Amerikaanse economie verloor in juli 2026 onverwacht 23.000 banen, terwijl economen hadden gerekend op een toename van 83.000 . Ook de banengroei in mei en juni werd naar beneden bijgesteld, met in totaal 103.000 banen minder dan eerder gerapporteerd . De werkloosheid daalde licht naar 4,1%, maar vooral omdat meer mensen de arbeidsmarkt verlieten .
Gevolgen voor de Fed: Vóór het zwakke banenrapport van juli hadden verschillende Fed-functionarissen gepleit voor een renteverhoging in september . Het tegenvallende banencijfer zorgde ervoor dat de markten deze verwachtingen sterk naar beneden bijstelden: de kans dat de rente in september gelijk blijft, werd ingeschat op 56% (wat neerkomt op een kans van ongeveer 44% op een verhoging), een flinke daling ten opzichte van de eerdere, sterkere verwachtingen voor een verhoging . De obligatiemarkt herstelde zich en de dollar daalde ten opzichte van de yen en de euro .
De Wereldbank omschreef de (vrijwel) volledige sluiting van de Straat van Hormuz (het scheepvaartverkeer door deze nauwe doorgang nam met ongeveer 95% af) als een 'ongekende verstoring van de mondiale grondstoffenvoorziening' . In het rapport 'Global Economic Prospects' van juni 2026 verlaagde de bank de groeiverwachting voor de wereldeconomie in 2026 naar 2,5%, tegen 2,9% eerder. Dit zou de traagste groei zijn sinds de COVID-19-pandemie, als gevolg van hogere energieprijzen, oplopende inflatie en gestegen leenkosten . De Wereldbank benadrukte dat de last onevenredig zwaar valt op energieafhankelijke ontwikkelingslanden .