Irak, de op één na grootste producent van de OPEC, zag in juli een aanzienlijk herstel, nadat de export in mei-juni was gedaald tot ongeveer 500.000 bpd . In juli meldde olieminister Bassem Mohammed Khudair dat de gemiddelde verzendingen via de Straat van Hormuz en de Ceyhan-pijpleiding ongeveer 1,5 miljoen bpd bedroegen . Irak verhoogde de productie bij drie belangrijke zuidelijke velden – West Qurna 1, North Rumaila en Artawi – tot volle capaciteit, omdat er weer tankers arriveerden, zo bleek uit een order van het staatsbedrijf Basra Oil Co. . De OPEC herstelde ook de productie-allocatie van Irak van voor de oorlog tot 4,378 miljoen bpd voor juli, hoewel de werkelijke productie door de Hormuz-verstoring ver onder dat niveau bleef .
De basis voor het korte herstel in juli was een Amerikaans-Iraans memorandum van overeenstemming (MoU) dat in juni was ondertekend en dat de vrije doorgang door de Straat van Hormuz moest garanderen . Maar de deal werkte averechts. Critici zeiden dat de tekst Iran officiële macht in de straat gaf en te vaag was over handhavingsmechanismen . Op 1 juli liepen indirecte Amerikaans-Iraanse gesprekken in Doha op niets uit; er was "geen teken dat ze vooruitgang hadden geboekt" op weg naar blijvende vrede of veilige scheepvaart . Op 11 juli sloot Iran de Straat van Hormuz na het beschieten van een schip dat "de maritieme veiligheid in gevaar had gebracht," en waarschuwde voor een "scherpe reactie" op eventuele vergelding . Op 14 juli voerde het Amerikaanse leger opnieuw een blokkade in van Iraanse havens en lanceerde het aanhoudende luchtaanvallen op Iraanse infrastructuur . Iran reageerde met drones en raketten op de Golfstaten die bondgenoten zijn van de VS, waarna de cyclus van escalatie volledig opnieuw was ontketend .
Begin juli viel Iran ten minste drie tankers aan die door de straat voeren . Op 11 juli trof het een schip dat "zijn systemen had uitgeschakeld" op een niet-goedgekeurde route . De Islamitische Revolutionaire Garde (IRGC) van Iran waarschuwde dat Hormuz een "rode lijn" was en dreigde alle infrastructuur in de hele Golfregio aan te vallen als de VS Iraanse infrastructuur zou treffen . De VS reageerde met meerdere opeenvolgende nachten van aanvallen tot halverwege juli .
Het Amerikaanse ministerie van Energie meldde dat op 13 juli meer dan 8 miljoen vaten olie met militaire hulp van de VS door de Straat van Hormuz waren getransporteerd . Toch daalde het totale verkeer door de straat eind juli tot ongeveer 10% van het niveau van voor de oorlog, aldus de CEO van Aramco .
Op 4 augustus gaf Saudi-Aramco-topman Amin Nasser een sombere analyse: het conflict met Iran had sinds februari 2026 2,6 miljard vaten ruwe olie uit de wereldwijde markt gehaald . Nasser waarschuwde dat, zelfs als de Straat van Hormuz onmiddellijk zou worden heropend, de wereld 18 maanden nodig zou hebben bij een gemiddeld tempo van 2,1 miljoen bpd om de uitgeputte voorraden aan te vullen . Hij merkte ook op dat de wereld voor elke week dat de route gesloten bleef, meer dan 100 miljoen vaten verloor .
De verstoring bleef niet beperkt tot Hormuz. Het Reuters-rapport van 5 augustus over de cijfers van juli verwees specifiek naar "bedreigingen in de Rode Zee" – verwijzend naar Houthi-aanvallen bij de Straat Bab el-Mandeb – als een factor die de ruwe-olieladingen bij de Saudische Yanbu-terminal aan de Rode Zee vertraagde en tankers dwong om te varen . Dit voegde een tweede knelpuntverstoring toe bovenop Hormuz, waardoor de druk op de Saudische ruwe-oliestromen, die normaal via de Rode Zee naar Europese en Noord-Amerikaanse markten worden vervoerd, nog verder toenam .
Het tijdelijke staakt-het-vuren in juni had de benchmarkolieprijzen fors laten dalen: North Sea Dated daalde met $31/vat in juni tot $68/vat begin juli, volgens het IEA . Het instorten van het raamwerkakkoord en de hernieuwde vijandelijkheden in juli keerden die trend om, waardoor het risico op verstoring van het aanbod weer centraal kwam te staan in de marktprijsbepaling. Op het eerste gezicht leek het maandgemiddelde van 10,7 miljoen bpd in juli stabiel, maar het verhulde een scherpe piek begin juli, gevolgd door een ineenstorting waardoor de export tegen het einde van de maand meer dan 40% onder het niveau van voor de oorlog lag .