De Japanse munt werd in de verslagperiode verhandeld rond ¥155 per dollar, tegenover een eerdere aanname van Honda van ¥140. Voor een internationaal bedrijf als Honda betekent een zwakkere yen dat inkomsten uit het buitenland na omrekening in yen meer waard zijn .
Dat valuta-effect was de grootste afzonderlijke stimulans voor de winst. Honda gebruikt de aangepaste wisselkoersaanname daarom ook in zijn vooruitblik: de prognose voor de operationele winst over het volledige boekjaar ging met 30% omhoog, van ¥500 miljard naar ¥650 miljard .
Het autosegment ging van een operationeel verlies van ¥29,6 miljard een jaar eerder naar een operationele winst van ¥192,1 miljard .
Daarachter zaten meerdere factoren:
De verbetering is opvallend omdat Honda tegelijkertijd minder auto’s verkocht. De wereldwijde autoverkoop daalde met 4%, terwijl de verkoop in China bijna halveerde door de felle concurrentie van lokale fabrikanten van elektrische auto’s .
Honda’s motorfietsdivisie boekte een recordresultaat. De operationele winst kwam in het kwartaal uit op ongeveer ¥189 miljard .
Vooral de verkopen in Brazilië en Vietnam droegen bij aan de groei. De omzet van het segment nam met 19,9% toe op jaarbasis . Motorfietsen zijn daarmee een van Honda’s meest betrouwbare en winstgevende activiteiten geworden — een belangrijke tegenhanger van de druk in de auto-industrie.
De divisie financiële diensten voegde ongeveer ¥85 miljard aan operationele winst toe . Honda verdient in deze activiteiten onder meer aan leningen en leasecontracten voor klanten in de Verenigde Staten en andere markten.
Die inkomsten zijn doorgaans stabieler dan de winst uit de verkoop van voertuigen. Daardoor vormde de divisie een tweede vaste pijler onder het kwartaalresultaat.
Honda’s omzet steeg met 13,5% tot ¥6,06 biljoen . Die groei kwam vooral door gunstige wisselkoersen en een productmix met meer hybrides en duurdere modellen, niet door een toename van het aantal verkochte voertuigen.
Tegelijkertijd moest Honda hogere materiaalkosten absorberen die verband hielden met de oorlog tussen Iran en Israël. Volgens de berichtgeving werden die kosten meer dan gecompenseerd door het valuta-effect, de verbetering bij auto’s en de sterke prestaties van motorfietsen en financiële diensten .
Honda noemde drie hoofdredenen voor de verhoging van de prognose:
De onderneming verwacht daarnaast een nettowinst van ¥420 miljard over het volledige boekjaar .
Kort gezegd: de zwakke yen was de belangrijkste motor achter Honda’s winstsprong, maar het operationele herstel was minstens zo belangrijk. De omslag van verlies naar winst bij auto’s en de recordwinst bij motorfietsen gaven de valuta-meevaller inhoud. Zonder die verbeteringen zou Honda waarschijnlijk niet zo ruim boven de winstverwachtingen zijn uitgekomen en zijn jaarprognose met 30% hebben verhoogd.