De Europese handelsbarrière is de belangrijkste reden voor de koerswijziging. Elektrische auto’s uit China worden in de Europese Unie geconfronteerd met een tarief van 27 procent. Auto’s die in Turkije worden gebouwd, zouden bij uitvoer naar de EU nog altijd met tarieven te maken krijgen. Productie in Hongarije, een EU-lidstaat, is daardoor aantrekkelijker voor BYD .
De autofabrikant wil na Hongarije bovendien een tweede Europese assemblagelocatie vinden. Volgens Li kijkt BYD waarschijnlijk naar de overname van een bestaande fabriek in Zuid-Europa; Spanje staat op de shortlist .
De planning voor Szeged is de afgelopen jaren meerdere keren verschoven:
Eerdere berichtgeving uit juli 2025 wees erop dat de fabriek in de eerste twee jaar onder de volledige capaciteit zou draaien. Voor 2026 werd toen gerekend op enkele tienduizenden voertuigen, tegenover een geplande jaarlijkse capaciteit van 300.000 auto’s .
Het investeringsakkoord tussen BYD en Turkije werd in 2024 met veel publiciteit ondertekend en moest de Turkse ambities als centrum voor de productie van elektrische auto’s versterken. Volgens Turkse autoriteiten bleef er echter lange tijd zichtbare vooruitgang in Manisa uit.
Het Turkse ministerie van Industrie en Technologie schortte daarom aan het begin van 2026 de importvrijstellingen van BYD op. Het ministerie zei dat er “enige tijd geen vooruitgang” was geboekt . Het akkoord zelf is formeel nog steeds van kracht, net als de verplichtingen en garanties van BYD.
Als de investering niet doorgaat, kan Turkije volgens het ministerie en de voorwaarden van het akkoord eisen dat eerder ontvangen voordelen worden terugbetaald, inclusief rente . Minister van Industrie en Technologie Mehmet Fatih Kacir zei in juli tegen parlementariërs dat juridische stappen worden gestart als BYD het project officieel annuleert . Turkse media meldden eveneens dat Ankara alle belastingvoordelen met rente wil terugvorderen .
Het verlies van de vrijstelling had volgens beschikbare berichtgeving direct gevolgen voor de lokale verkoop. BYD verkocht in mei 2026 slechts 152 voertuigen in Turkije, tegenover 3.866 in januari .
De stilgevallen investering is ook een reputatieprobleem voor China. Turkije geldt als een belangrijke strategische partner, en Ankara kan de ontwikkeling zien als een teken dat BYD — en mogelijk China — de voorkeur geeft aan Hongarije zodra Europese markttoegang zwaarder weegt.
Middle East Eye schreef op 3 augustus 2026 dat de Chinese overheid haar public relations-activiteiten in Turkije aanzienlijk heeft opgevoerd . Een Turkse regeringsadviseur omschreef die inspanningen als een “propagandablitz” . De gemelde campagne omvat onder meer:
Op 4 augustus publiceerde CGTN een opiniestuk over 55 jaar Chinees-Turkse betrekkingen, met nadruk op een “gedeelde toekomst” . China Daily plaatste diezelfde dag een artikel met de titel “From Bosporus to Yangtze: Turkiye-China ties at 55” . Zulke boodschappen passen in een poging om de aandacht te verschuiven van het vastgelopen BYD-project naar de bredere relatie tussen beide landen.
Voor enkele onderdelen van het bredere verhaal is in de beschikbare bronnen geen betrouwbare recente informatie gevonden. Dat geldt voor de actuele status en planning van een mogelijke assemblagefabriek van BYD in Maleisië. Ook zijn er geen bevestigde cijfers beschikbaar over de wereldwijde verkoop van BYD in juli 2026 of het Europese marktaandeel van het bedrijf in 2026.
China diende in oktober 2024 bij de Wereldhandelsorganisatie een klacht in over de extra Turkse heffing van 40 procent op geïmporteerde Chinese elektrische auto’s . In de geraadpleegde bronnen is echter geen uitspraak van de WTO over die zaak vastgelegd.
De kwestie laat zien hoe ingewikkeld de Europese expansie van Chinese autofabrikanten is geworden. BYD moet productie binnen de EU opbouwen om tariefbarrières te omzeilen, maar had tegelijk een publiek investeringsakkoord met een niet-EU-land gesloten.
Voor Ankara betekent de pauze een flinke tegenslag voor de reputatie van Turkije als productielocatie . Voor Beijing betekent ze verlies aan goodwill in een strategisch belangrijke relatie. BYD krijgt intussen te maken met mogelijke terugbetalingen en juridische procedures, terwijl het bedrijf zijn Europese strategie rond Hongarije en een mogelijke tweede locatie verder aanscherpt .