In een videotoespraak op 27 april gaf president Volodymyr Zelensky opdracht om in 2026 minstens 50.000 onbemande grondvoertuigen te leveren. Hij noemde robotisering “de volgende grote stap” om levens van soldaten te redden . De Oekraïense minister van Defensie Mykhailo Fedorov en de generale staf kregen de taak om die doelstelling te realiseren .
Fedorov had daarvoor al aangekondigd dat Oekraïne in de eerste helft van 2026 contracten wilde afsluiten voor 25.000 UGV’s. Dat was meer dan twee keer het totale aantal dat in 2025 was ingekocht . Het uiteindelijke doel is dat alle logistieke taken aan de frontlinie door robots worden uitgevoerd .
Ihor Shmyryov, hoofd van de UGV-afdeling van het Oekraïense defensie-innovatieplatform Brave1, verwacht zelfs dat Oekraïne de doelstelling van 50.000 exemplaren zal overschrijden . Halverwege 2026 waren al opdrachten voor meer dan 22.000 voertuigen geplaatst .
De eerste grondrobots waren vooral bedoeld voor logistiek en evacuatie. Inmiddels worden ze ingezet voor een veel breder takenpakket. Ze brengen munitie naar eenheden die door drones worden bedreigd, vervoeren gewonden weg uit risicogebieden en ondersteunen mijnenleg- en mijnenruimoperaties.
Ook hun gevechtsrol groeit. Sommige UGV’s dragen systemen voor elektronische oorlogsvoering, radar, raketten en mortieren naast hun traditionele logistieke functies . In combinatie met luchtdrones zouden grondrobots en andere onbemande systemen Oekraïne in de eerste helft van 2026 hebben geholpen om tot 600 vierkante kilometer grondgebied te heroveren .
Een opvallend voorbeeld kwam van het Derde Legerkorps. Een op afstand bestuurd, met een machinegeweer uitgerust voertuig hield naar verluidt 45 dagen lang een belangrijk kruispunt onder voortdurende Russische aanvallen bezet. Het korps noemde dit Oekraïnes eerste volledig robotische verdedigingsoperatie .
Oekraïne heeft daarnaast naar eigen zeggen het eerste gespecialiseerde bataljon voor onbemande grondvoertuigen ter wereld gevormd . Een Oekraïens onderzoek stelde bovendien dat het gebruik van UGV’s het aantal Oekraïense slachtoffers met 30% heeft verminderd .
De uitbreiding van het robotleger wordt gedragen door een groot netwerk van Oekraïense technologiebedrijven. Bijna 300 ondernemingen produceren inmiddels ongeveer 550 verschillende typen UGV’s voor logistiek, evacuatie, mijnenruiming en gevechtsinzet .
De productie groeit mee:
Die snelle groei heeft ook een keerzijde. Oekraïense operators zeggen dat het leger niet noodzakelijk nóg meer verschillende robotmodellen nodig heeft, maar vooral betere onderhoudsdiensten, reserveonderdelen en technische ondersteuning voor de meer dan 550 bestaande modellen .
De robotisering blijft niet beperkt tot Oekraïne. Onder het in 2025 door Zelensky gelanceerde programma Build with Ukraine werken Oekraïense bedrijven samen met ondernemingen uit verschillende Europese landen .
De cijfers wijzen op een fundamentele verandering in de manier waarop Oekraïne de frontlinie organiseert. Toch betekent een groter aantal robots niet automatisch dat infanteristen overbodig worden.
Brigadegeneraal Andriy Biletskyi, commandant van het Derde Legerkorps, stelt dat eenheden die UGV’s actief integreren hun behoefte aan frontlinietroepen tegen het einde van 2026 mogelijk met maximaal 30% kunnen verminderen. Op langere termijn zou dat volgens hem kunnen oplopen tot 80%. Tegelijk benadrukt hij dat infanteristen onmisbaar blijven voor gevechten op korte afstand en andere taken waarbij mensen terrein direct moeten controleren .
Analisten van het Modern War Institute van West Point zien dat Oekraïne is opgeschoven van losse experimenten naar een netwerk van grondrobots die samen met luchtdrones en elektronische oorlogsvoering opereren. Maar de systemen blijven kwetsbaar in moeilijk terrein, bij verstoring door elektronische oorlogsvoering en wanneer zij onder vuur zelfstandig beslissingen moeten nemen .
Ook de robots zelf zijn geen onaantastbare oplossing. Russische elektronische oorlogsvoering en droneaanvallen vormen een blijvende bedreiging voor de communicatie, navigatie en inzetbaarheid van UGV’s . De huidige ontwikkeling draait daarom niet alleen om grotere aantallen, maar ook om betrouwbaarheid, onderhoud, verbindingen en de mogelijkheid om beschadigde systemen snel te vervangen.
Oekraïne fungeert inmiddels als een belangrijk testterrein voor grondrobotica. De oorlog laat zien dat UGV’s niet langer alleen experimentele voertuigen zijn, maar een praktische laag kunnen vormen tussen logistiek, techniek, verkenning en gevechtssteun.
Voor de NAVO versnelt dat de ontwikkeling van standaarden en aankoopprogramma’s voor grondrobots . Tegelijk ontstaat via Build with Ukraine een model waarbij buitenlandse bedrijven samen met Oekraïense partners produceren in Oekraïne én in andere Europese landen. Die industriële samenwerking kan ook na de oorlog blijven bestaan .
De bredere les is vooral dat robots voorlopig geen compleet alternatief voor soldaten vormen. Ze maken het wel mogelijk om mensen uit de gevaarlijkste delen van het slagveld te houden. Voor landen die met personeelstekorten of moeilijke rekrutering kampen, is precies dat model – menselijke eenheden ondersteunen met grote aantallen relatief goedkope, gespecialiseerde machines – waarschijnlijk de belangrijkste ontwikkeling uit Oekraïnes robotexperiment.