In Amerikaanse veiligheidskringen wordt biotechnologie steeds vaker gezien als een strategische technologie, vergelijkbaar met kunstmatige intelligentie en halfgeleiders. De Amerikaanse defensie- en veiligheidsapparaten beschouwen de opkomst van Chinese biotech daarom niet langer uitsluitend als een economische ontwikkeling, maar ook als een mogelijke bedreiging voor de nationale veiligheid .
Een tweede zorg betreft de kwetsbaarheid van de farmaceutische toeleveringsketen. Naar schatting heeft ongeveer 60 procent van de generieke geneesmiddelen in de VS een werkzame stof die uit China afkomstig is . China is bovendien voor ten minste één zogenoemd key starting material — een belangrijke beginstof — de enige leverancier voor meer dan 700 verschillende werkzame farmaceutische ingrediënten (API’s) .
Die afhankelijkheid werd tijdens de coronapandemie extra zichtbaar. Een geopolitiek conflict, handelsbeperking of productieprobleem kan daardoor niet alleen gevolgen hebben voor farmaceutische bedrijven, maar ook voor de beschikbaarheid en prijs van geneesmiddelen in de VS.
Washington probeert dat risico te beperken. De Amerikaanse Biosecure Act, die voor het eerst in mei 2024 werd gepresenteerd, moet onder meer overheidsaankopen van Chinese bedrijven zoals BGI Genomics, WuXi AppTec en WuXi Biologics beperken of verbieden . Tegelijk klinkt de roep om meer productie en diversificatie binnen de VS en bij bondgenoten.
De Amerikaanse zorgen gaan niet alleen over grondstoffen. China wordt ook een steeds belangrijkere bron van innovatieve geneesmiddelen.
De waarde van licentieovereenkomsten tussen Chinese ontwikkelaars en westerse farmabedrijven bereikte in 2024 een record van 41,5 miljard dollar — 66 procent meer dan een jaar eerder. Grote farmaceutische ondernemingen haalden dat jaar 28 procent van hun innovatieve activa uit China .
Volgens sectoronderzoek kwam in 2024 ongeveer een derde van alle biotechactiva die wereldwijd door grote farmabedrijven werden gelicentieerd uit China, tegenover minder dan 10 procent in 2017 . Vooral in de oncologie was de groei opvallend: Chinese biotechbedrijven waren in 2024 goed voor 30 miljard dollar aan licentiedeals, ongeveer drie keer zoveel als vergelijkbare deals vanuit de VS .
Ook klinisch onderzoek verschuift. Het Chinese aandeel in klinische onderzoeken naar de meest innovatieve geneesmiddelen verzesvoudigde tussen 2016 en 2025 tot 30 procent. Het aandeel van de VS daalde in dezelfde periode van 45 naar 33 procent . China vertegenwoordigt inmiddels 7.141 geneesmiddelen, oftewel 31,1 procent van de wereldwijde pijplijn .
Daarmee verandert het beeld van China: van een relatief goedkope productiebasis naar een concurrent die zelf nieuwe geneesmiddelen en technologie ontwikkelt. Amerikaanse bedrijven blijven op verschillende onderdelen sterk, maar de snelle groei van China zet de bestaande machtsverhoudingen onder druk.
De Amerikaanse overheid onderzoekt daarnaast welke rol Chinese staatssteun speelt. In februari 2026 startte de U.S. International Trade Commission (USITC) een formeel feitenonderzoek naar staatssteun en prijspraktijken in de Chinese biotechsector. De commissie wil nagaan welk effect die steun heeft op het marktaandeel en de concurrentiekracht van Amerikaanse bedrijven .
Voor Amerikaanse beleidsmakers kan omvangrijke overheidssteun Chinese ondernemingen in staat stellen sneller onderzoek te financieren, capaciteit op te bouwen en geneesmiddelen tegen scherpere prijzen aan te bieden. Dat leidt tot vragen over handelsvoorwaarden en de vraag of Amerikaanse bedrijven onder vergelijkbare omstandigheden kunnen concurreren.
Naast de Biosecure Act ligt ook de voorgestelde Biotechnology Innovation and Security Act (BINSA) op tafel. Dat wetsvoorstel zou bepaalde investeringen, licentieovereenkomsten en joint ventures met Chinese biotechbedrijven aan extra toezicht onderwerpen .
De verscherpte controle is dus het gevolg van meerdere ontwikkelingen tegelijk: China’s snelle opmars als innovatiecentrum, de afhankelijkheid van Chinese medicijningrediënten, de groeiende Chinese rol in vroeg geneesmiddelenonderzoek en de invloed van staatssteun.
Voor Washington komt daar een lastige tegenstelling bij. Amerikaanse farmabedrijven hebben Chinese innovatie nodig om hun eigen pijplijnen aan te vullen, terwijl beleidsmakers juist proberen de strategische afhankelijkheid van China te verminderen. De komende maatregelen zullen daarom waarschijnlijk niet alleen bepalen hoe de twee landen met elkaar concurreren, maar ook hoe kwetsbaar de wereldwijde geneesmiddelenketen blijft.