De combinatie van 74 raketten en 284 drones was bedoeld om de Oekraïense verdediging zwaar te belasten. Oekraïense eenheden meldden dat ze 320 doelen hadden neergehaald of geneutraliseerd: één ballistische raket, 54 kruisraketten en 265 drones . Dat verschil tussen drones en ballistische raketten is strategisch belangrijk. Drones zijn vaak met goedkopere middelen te bestrijden, terwijl voor ballistische raketten gespecialiseerde systemen en kostbare onderscheppers nodig zijn.
Volgens de Critical Threats Project-analyse was het grote aantal raketten erop gericht om juist het tekort aan Oekraïense onderscheppers tegen ballistische raketten uit te buiten . De aanval was daarmee niet alleen een bombardement, maar ook een test van de grenzen van de Oekraïense luchtverdediging.
De nadruk op asymmetrische technologie wijst op een verschuiving in de Oekraïense strategie. Kyiv blijft vragen om westerse luchtverdedigingssystemen, maar rekent er tegelijk op dat extra onderscheppers niet snel of in voldoende aantallen beschikbaar komen. Daarom zoekt het land naar oplossingen die met technologie, tactiek en organisatie een deel van die achterstand kunnen verkleinen .
De precieze aard van deze maatregelen is niet publiek uitgewerkt. Het is daarom te vroeg om te zeggen welke systemen of operationele methoden uiteindelijk worden ingezet. Wel is duidelijk dat Oekraïne niet uitsluitend wil afwachten op nieuwe leveringen uit het buitenland.
De spoedbespreking laat een dubbele strategie zien. Intern wil Oekraïne zijn eenheden en technologie aanpassen; diplomatiek voert Zelensky de druk op bondgenoten op. Tijdens een eerder overleg met de NAVO zei hij dat Oekraïne veel zelf kan doen, maar voor luchtverdediging afhankelijk blijft van de vastberadenheid van zijn partners .
Die boodschap kreeg na de aanval extra gewicht. Zolang Oekraïne onvoldoende middelen heeft om ballistische raketten te onderscheppen, kan Rusland grote gecombineerde aanvallen blijven gebruiken om de verdediging te verzadigen en schade toe te brengen aan stedelijke gebieden en infrastructuur. De besluiten van 30 juli tonen daarom zowel aanpassingsvermogen als kwetsbaarheid: Oekraïne ontwikkelt eigen antwoorden, maar blijft voor de meest gespecialiseerde luchtverdediging sterk aangewezen op buitenlandse steun.