De topverklaring van Ankara, aangenomen op 8 juli 2026, bevat in paragraaf 5 een specifieke passage over Iran: 'De bondgenoten herhalen dat Iran nooit een kernwapen mag hebben en roepen Iran op de vaarvrijheid in de Straat van Hormuz volledig te respecteren' . Deze formulering werd op ambassadeursniveau voor de top vastgesteld en vertegenwoordigt een eensgezind standpunt van alle 32 NAVO-bondgenoten .
Irans protest was niet zomaar een routineuze diplomatieke afwijzing — het kwam op een moment van extreme spanning:
Irans protest vangt een moment waarop de onderhandelingsposities van beide partijen waren verhard, de pogingen tot een staakt-het-vuren waren mislukt en de Straat van Hormuz zowel een crisishaard als een onderhandelingstroef was geworden.