De volgende dag, 28 juni, reageerde het Israëlische ministerie van Buitenlandse Zaken op X (voorheen Twitter) door Erdogan een 'dictator' te noemen die "politieke tegenstanders vervolgt, journalisten opsluit, Koerden afslacht, het grondgebied van Cyprus bezet en jihadistische groepen steunt" . De volledige verklaring van het ministerie luidde:
"De dictator die politieke tegenstanders vervolgt, journalisten opsluit, Koerden afslacht, het grondgebied van Cyprus bezet en jihadistische groepen steunt, valt nu de enige democratie in het Midden-Oosten aan. Dezelfde democratie die gisteren nog de hand uitstak naar vrede in Libanon. Erdogan zal verdwijnen. Israël zal voor altijd blijven."
Op 10 juni 2026 karakteriseerde Erdogan de Israëlische militaire operaties in Syrië en Libanon als een directe bedreiging voor Turkije. Hij verklaarde dat de 'agressie' van Israël de hele wereld in gevaar bracht en eiste een onmiddellijke internationale stopzetting . Hij waarschuwde: "Als de banditisme van Israël niet wordt gestopt, zal de hele regio – en zelfs de hele mensheid – de prijs betalen" . Op dezelfde dag beloofde hij de rechten van Turkije en de Turks-Cyprioten in de oostelijke Middellandse Zee te beschermen en dreigde hij met een 'krachtige reactie' tegen Israël en zijn 'medeplichtigen' .
De economische breuk van Turkije met Israël verliep in meerdere stappen:
Na de val van het Assad-regime dreven de tegengestelde belangen van Turkije en Israël in Syrië hen richting een directe confrontatie :
De persoonlijke vijandigheid tussen de twee leiders is toegenomen:
De uitwisseling van 27-28 juni markeert het hoogtepunt van een jarenlange escalatie. Wat begon met Erdogans felle veroordelingen van de Gaza-oorlog en de Turkse handelsstop in 2024, is uitgegroeid tot een volledige geopolitieke rivaliteit – met militaire operaties in Syrië en Libanon, concurrerende belangen in post-Assad-Syrië, de Koerdische kwestie, geschillen in de oostelijke Middellandse Zee en diepgaande persoonlijke beledigingen tussen Erdogan en Netanyahu. Beide partijen beschrijven het conflict nu in existentiële termen.