Door deze voorspellingen op elk punt en in elke tijdstap in de simulatie te injecteren, hoeven onderzoekers het hele kernreactienetwerk niet meer in real time te laten draaien. Simpel van opzet, maar bijzonder krachtig. Het neemt de beruchte bottleneck weg die het tot nu toe ondoenlijk maakte om langdurige of hoge-resolutiesimulaties van het r-proces uit te voeren [3, 4].
Elke keer dat een machine-learningmodel fundamentele fysica vervangt, is validatie essentieel. Het RHINE-team heeft het neurale netwerk daarom langs twee strenge meetlatten gelegd :
De onderzoekers geven aan dat hun methode een “tremendous amount of computing time” bespaart, zonder in te leveren op de nauwkeurigheid die nodig is voor astrofysische interpretatie .
De energie die vrijkomt tijdens het r-proces heeft een directe invloed op de snelheid, temperatuur en chemische samenstelling van de materie die wordt weggeblazen bij de fusie – allemaal factoren die bepalend zijn voor de kilonova-lichtcurve die sterrenkundigen met telescopen opvangen. Het historische evenement AT2017gfo, dat samenging met de detectie van zwaartekrachtgolven (GW170817), gaf ons de eerste gedetailleerde blik op zulke straling. Maar dat signaal een-op-een terugvertalen naar de onderliggende kernfysica bleef een hele toer. RHINE opent nu de deur naar 3D-simulaties waarin de r-procesopwarming zelfconsistent wordt meegenomen. Daardoor wordt het veel eenvoudiger om theoretische voorspellingen te maken die vergeleken kunnen worden met echte kilonovae [3, 4, 6].
RHINE wordt ook een computationele schakel tussen theorievorming en de kernfysica-experimenten die op stapel staan bij FAIR, de Facility for Antiproton and Ion Research in Darmstadt. FAIR wordt een van de modernste deeltjesversnellercomplexen ter wereld en zal de eigenschappen van exotische, neutronenrijke atoomkernen gaan meten. Dit zijn precies de kernen die in huidige laboratoria buiten bereik blijven, maar die een cruciale rol spelen in het r-proces. Doordat simulaties met RHINE net zo snel kunnen worden uitgevoerd als data geanalyseerd, ontstaat straks een directe verbinding tussen laboratoriummetingen en astrofysische waarnemingen. Voor het eerst kan men dan theorieën over het ontstaan van de zwaarste elementen toetsen aan echte nucleaire data [4, 15].
In de geest van open wetenschap heeft het onderzoeksteam de broncode van RHINE vrij toegankelijk gemaakt op Zenodo, de openbare wetenschappelijke database. Andere onderzoeksgroepen die de methode willen gebruiken of erop voort willen bouwen, kunnen die hier vinden:
Dankzij deze publieke release kunnen simulatiegroepen wereldwijd RHINE inbouwen in hun eigen computercodes, waardoor het bereik van dit raamwerk zich over de hele astrofysica-gemeenschap zal uitstrekken.