Het economische effect ontstaat indirect, maar stapelt zich snel op:
Dit is iets anders dan een officiële schoolsluiting. Scholen kunnen open blijven terwijl kinderen minder vaak komen, hongerig in de klas zitten of helemaal wegblijven omdat de reis naar school onbetaalbaar is geworden. Hogere brandstofprijzen maken bovendien het vervoer van leerlingen en de verplaatsingen van leerkrachten duurder.
Wanneer een gezin koopkracht verliest, komt onderwijs vaak snel onder druk te staan. De kosten zijn onmiddellijk, terwijl de voordelen pas later zichtbaar worden. Een kind kan op papier ingeschreven blijven, maar toch niet naar school gaan omdat vervoer, schoolmateriaal, maaltijden of andere dagelijkse uitgaven niet meer te betalen zijn.
Als het inkomen nog verder daalt, kunnen kinderen bovendien worden ingezet om geld te verdienen, op jongere broers en zussen te passen of meer huishoudelijk werk te doen. De risico’s zijn niet voor ieder kind hetzelfde. Jongens kunnen meer druk ervaren om inkomen te verdienen, terwijl meisjes vaker worden teruggetrokken voor onbetaalde zorgtaken of te maken kunnen krijgen met extra druk om jong te trouwen. Het gaat om verhoogde risico’s, niet om onvermijdelijke gevolgen voor elk gezin.
Een tijdelijke prijsstijging kan zo blijvende schade veroorzaken. Gemiste lessen leiden tot leerachterstanden, onvoldoende voedsel schaadt gezondheid en concentratie, en kinderarbeid of een vroeg huwelijk maakt terugkeer naar school moeilijker. UNICEF waarschuwt dat jaren van vooruitgang in het terugdringen van kinderarmoede hierdoor verloren kunnen gaan.
De UNICEF-schatting is vooral geconcentreerd in gebieden waar veel gezinnen al net boven de armoedegrens leven. Een relatief klein inkomensverlies of een bescheiden stijging van de prijzen kan dan voldoende zijn om een huishouden onder die grens te duwen.
Dat maakt de situatie in Afrika en Azië bijzonder kwetsbaar. UNICEF verwacht dat minstens 80 procent van de extra kinderen in het ernstige scenario daar woont. Hogere kosten voor geïmporteerde brandstof, kunstmest en voedsel raken niet alleen huishoudens, maar kunnen ook de publieke diensten verzwakken waarop armere gezinnen afhankelijk zijn.
Bangladesh laat zien hoe nationale en huishoudelijke druk elkaar kunnen versterken. Een UNICEF-analyse meldde dat langdurige economische verstoringen naar schatting 1,2 miljoen extra mensen in Bangladesh in armoede kunnen duwen. Wereldwijd loopt de ernstige prognose op tot 23,4 miljoen extra kinderen.
In Noord-Nigeria komt de economische schok boven op bestaande voedselonzekerheid en kwetsbaarheid. Gezondheidswerkers melden dat meer kinderen opnieuw ondervoed raken en leggen een verband met de economische gevolgen van de oorlog in het Midden-Oosten. Ondervoeding maakt leren en regelmatig schoolbezoek moeilijker, terwijl hogere voedsel- en brandstofprijzen de mogelijkheden van gezinnen om de klap op te vangen verder beperken.
Het getal moet worden gelezen als een waarschuwing over kwetsbaarheid, niet als een voorspelling dat elk getroffen kind hetzelfde zal meemaken. Het laat zien hoeveel kinderen volgens het model nieuw als levend in monetaire armoede kunnen worden geclassificeerd als het ernstige scenario werkelijkheid wordt. Veel van de betrokken gezinnen bevinden zich net boven de armoedegrens en zijn daardoor bijzonder gevoelig voor inflatie en tragere inkomensgroei.
Voor gezinnen kunnen de gevolgen onder meer zijn:
Voor kinderen gaat het dus niet alleen om direct gebrek. Langdurige voedselonzekerheid, gemiste lessen en minder toegang tot gezondheidszorg en onderwijs kunnen hun toekomstige inkomen verlagen en het moeilijker maken om aan armoede te ontsnappen. Hoe langer scheepvaartverstoringen, prijsstijgingen en financieringsproblemen aanhouden, hoe groter de kans dat tijdelijke keuzes blijvende schade veroorzaken.
UNICEF roept regeringen en instellingen op om sociale diensten te beschermen, sociale bescherming uit te breiden en meer financiële steun beschikbaar te maken. Zorgen dat kinderen te eten hebben, ingeschreven blijven en naar school kunnen reizen, is daarom geen los onderdeel van de economische reactie. Het is een van de belangrijkste maatstaven voor het succes ervan.
De wereldwijde gevolgen van de oorlog rond Iran zullen uiteindelijk afhangen van de duur van de verstoringen en van de mate waarin overheden en hulporganisaties kwetsbare gezinnen kunnen beschermen. Maar de prognose van UNICEF maakt de inzet duidelijk: een conflict in het Midden-Oosten kan via energie- en scheepvaartmarkten kosten doorgeven aan kinderen duizenden kilometers verderop, die vervolgens moeten kiezen tussen voedsel, onderwijs en hun toekomst.