De consument leek bovendien minder krachtig: de detailhandelsverkopen daalden in juli met 0,6%, na een stijging van 0,2% in juni. Samen schetsen de cijfers een economie waarin werkgelegenheid, bestedingen en prijsdruk momentum verliezen. Voor de valutamarkt is de conclusie helder: minder verwachte renteverhogingen betekenen een kleiner potentieel rentevoordeel voor de dollar.
Valutamarkten kijken niet alleen naar economische groei, maar vooral naar renteverwachtingen ten opzichte van elkaar. Als handelaren denken dat de Amerikaanse rente minder sterk zal stijgen dan eerder verwacht, bouwen zij vaak longposities in dollars af. Vervolgens zoeken zij naar valuta waarvan de centrale banken naar verwachting relatief minder ruimhartig blijven.
De yen kan profiteren wanneer zwakkere Amerikaanse cijfers het renteverschil tussen de VS en Japan verkleinen. De Japanse groeicijfers maken het beeld echter ingewikkelder. Het bruto binnenlands product groeide in het tweede kwartaal op jaarbasis met 1,1%, duidelijk minder dan de verwachte 2,0%, terwijl de particuliere consumptie onveranderd bleef. Volgens Reuters zou dat zwakke resultaat de vooruitzichten voor een renteverhoging door de Bank of Japan op korte termijn niet veranderen.
Daaruit volgen twee tegengestelde krachten. Lagere verwachte Amerikaanse rentes ondersteunen de yen, maar een kwetsbare binnenlandse vraag kan de verwachting van een snellere Japanse verkrapping afremmen. De yen blijft bovendien zeer gevoelig voor Amerikaanse staatsrentes en voor zorgen over marktinterventie rond ¥160 per dollar.
De Canadese dollar heeft in deze omgeving twee mogelijke steunpilaren. Een brede verzwakking van de Amerikaanse munt verbetert het wisselkoersklimaat, terwijl hogere olieprijzen doorgaans gunstig zijn voor een energie-exporterend land ten opzichte van olie-importeurs.
De algemene Canadese inflatie kwam in juli uit op 2,9%, tegen 2,8% in juni. De kernmaatstaven bleven dicht bij 2%. De Bank of Canada hield haar beleidsrente op 2,25% en gaf aan dat de totale inflatie kan afnemen als olieprijzen en marges op benzine dalen.
De Canadese dollar blijft daardoor gevoelig voor de vraag of hogere energieprijzen tijdelijk of blijvend zijn. Een langdurige olieschok kan de munt via de handelsstromen ondersteunen, maar maakt het rentebeleid van de centrale bank ook ingewikkelder.
De Australische dollar kan stijgen wanneer de Amerikaanse rentevooruitzichten minder hawkisch worden, vooral als beleggers weer meer belangstelling krijgen voor valuta met een hoger rendement. De munt is echter kwetsbaarder dan de Canadese dollar wanneer geopolitieke escalatie leidt tot een brede vlucht uit risico. Dat geldt bijvoorbeeld bij een verdere escalatie in het Midden-Oosten of een scherpe stijging van de wereldwijde energiekosten.
Een eventuele rally onder risicogevoelige valuta zal daarom waarschijnlijk selectief zijn, in plaats van overal even sterk.
Een zwakkere dollar kan de druk op de roepie verminderen en de omstandigheden voor buitenlandse portefeuillebeleggingen verbeteren. Hogere olieprijzen werken echter de andere kant op, omdat India olie importeert. Een langdurig hogere ruwe-olieprijs kan de importrekening vergroten en de munt verzwakken.
De roepie profiteert dus alleen duidelijk van minder agressieve Fed-verwachtingen als de olieschok beperkt blijft.
De crisis rond de Straat van Hormuz maakt een uitsluitend negatieve visie op de dollar kwetsbaar. Volgens berichtgeving daalde het scheepvaartverkeer door de zeestraat naar zes schepen, tegen een gemiddelde van ongeveer elf in de tien voorgaande dagen. Brentolie sloot op 14 augustus op 88,52 dollar per vat, terwijl handelaren tankeraanvallen, vastgelopen vredesbesprekingen en het risico op langdurige verstoring beoordeelden.
Een waarschuwing van Iran dat het een meer offensieve houding zou aannemen, vergrootte het risico op een hogere risicopremie voor olie. De gevolgen voor valuta lopen uiteen:
Daarom kan de dollar dalen door zwakke binnenlandse Amerikaanse cijfers, terwijl geopolitieke ontwikkelingen tegelijkertijd de potentie hebben om de munt fors hoger te sturen.
Hoge rendementen op Amerikaanse staatsobligaties houden een deel van de aantrekkingskracht van de dollar in stand. Ze zijn ook belangrijk voor de reactie van de Fed. Als hogere olieprijzen de totale inflatie en inflatieverwachtingen opnieuw opdrijven, zullen beleidsmakers mogelijk terughoudend zijn met het bevestigen van marktverwachtingen voor geen verdere renteverhogingen of slechts beperkte extra verkrapping.
Daarvoor bestaat een precedent in de aangeleverde marktberichtgeving. Tijdens een eerdere escalatie in de Golf werd de dollar ondersteund door zowel geopolitieke vraag als havikachtige commentaren vanuit de Federal Reserve. Een vergelijkbare combinatie van hogere rentes en risicoaversie kan de huidige neerwaartse trend van de dollar onderbreken.
De volgende beleidscommunicatie moet duidelijk maken of de recente cijfers het begin zijn van een aanhoudende vertraging of slechts een tijdelijke zwakke fase.
De dollar daalde omdat markten het verwachte Amerikaanse rentepad opnieuw inschatten na zwakke banencijfers, afkoelende consumenten- en producentenprijzen en dalende detailhandelsverkopen. Daardoor nam het vertrouwen in een renteverhoging tijdens de Fed-vergadering van 15 en 16 september af en werd het verwachte rentevoordeel van Amerikaanse activa kleiner. Dat gaf verschillende grote en opkomende valuta’s ruimte om te herstellen.
De vooruitzichten blijven echter tweezijdig. Een nieuwe reeks zwakke Amerikaanse cijfers en een geruststellende Fed-boodschap zou de dollar verder kunnen verzwakken. Hoge Treasury-rentes, hardnekkige inflatie en een nieuwe escalatie rond de Straat van Hormuz kunnen de vraag naar de Amerikaanse munt daarentegen snel weer aanwakkeren.